ZORGdotCOM

Communicatieadvies + Tekst

Deep Listening: met je hele wezen luisteren 13 april 2017

deep listeningOm echt goed naar anderen te kunnen luisteren, moeten we eerst leren goed naar onszelf te luisteren. Wie slecht luistert, vindt het vaak moeilijk om de eigen behoeften en belangen te scheiden van die van de ander. In alles wat je hoort, spelen dan vragen mee als: ‘Wat betekent dit voor mij?’ of ‘Wat kan ik nu zeggen om mijn zin te krijgen?’ Deep Listening (dieper horen) is een door de Ierse boeddhist en psychotherapeute Rosamund Oliver ontwikkelde luistertechniek. De meerdaagse training wordt inmiddels bij het VUmc en het UMC Utrecht aangeboden aan huisartsopleiders. Gert Roos, huisarts in Laren: “Luisteren op zich, dus zonder dat het leidt tot een (be)handeling, is al een kwaliteit van een consult.”

Patiënten willen gehoord en gekend worden
Als je patiënten vraagt wat ze belangrijke kwaliteiten vinden van hun zorgverlener, dan staat luisteren/begrip en compassie hoog op de wensenlijst, nog hoger dan technische vakbekwaamheid. Goed luisteren, betekent oordeelvrije en oprecht geïnteresseerde aandacht geven aan de ander, waarbij je jezelf de tijd en ruimte geeft om wat hij zegt volledig te absorberen. Het zoekt niet naar de oppervlakkige betekenis maar naar het doel, het belang of de behoefte die zit achter wat de ander zegt. Goed luisteren, moedigt de ander aan open en eerlijk te spreken, zonder angst voor veroordeling of afwijzing.

Dieper horen
Carl Rogers, de bekende Amerikaanse psycholoog, doceerde ‘actief luisteren’, een techniek waarbij de luisteraar de ander teruggeeft wat hij denkt gehoord te hebben om zo helderheid te krijgen als de betekenis van wat is gezegd niet duidelijk is. Deep Listening gebruikt sommige technieken van actief luisteren, maar kent een meer contemplatieve kwaliteit. Het maakt gebruik van verschillende methoden uit de hedendaagse psychologie, gecombineerd met de boeddhistische meditatie- en compassietraining. Dieper horen maakt werkelijk luisteren mogelijk, zonder vragen te stellen, een deskundige mening te geven of iemand te willen redden. Hierdoor ontstaat ruimte voor helderheid, begrip en empathie en is er ruimte voor transformatie. Bert van Dijk leidt trainers en coaches op. Hij volgde de 5-daagse opleiding Deep Listening in Ierland en is enthousiast over wat het hem heeft gebracht: “Luisteren is rijker als je luistert met je hele wezen. Je neemt meer waar, er is meer verbinding.”

Zelf-bewustzijn
De training richt zich op drie aspecten: embodiment (bringing the mind home), wat wil zeggen: jezelf in een staat van bewuste aanwezigheid brengen. Vervolgens je werkelijk openstellen voor de ander (compassie) en ondersteunend aanwezig blijven (presentie). Daarbij maak je als het ware steeds de beweging van de lemniscaat: aandacht voor de ander, even terug naar jezelf (wat vult nu mijn luisterruimte, wat beïnvloedt wat ik hoor?), weer naar de aandacht voor de ander en weer terug naar jezelf enzovoort. Het focust op zelf-bewustzijn als basis voor goed luisteren en communiceren. Want pas als je jezelf kent en OK bent met jezelf, kun je authentiek en open anderen tegemoet treden.

Werkplezier
Gé Bontenbal, huisarts te Amsterdam en coach/supervisor voor medici, volgde in 2014 samen met 14 andere huisarts-opleiders de cursus Deep Listening bij de VU. Al eerder had hij daar de opleiding mindfulness gedaan en mediteert sindsdien regelmatig. Bontenbal: “Ik zag deze cursus als verdieping van wat ik al deed op een heel belangrijk aspect in je vak: luisteren. Het laat zich ook goed integreren met andere gesprekstechnieken als Transactionele Analyse en problem solving. Het geeft een extra dimensie aan de mindset om je steeds te verplaatsen in de ander. Vooral compassie en presentie zijn goed in te passen in consulten, het maakt je authentieker, je maakt werkelijk contact en dat geeft meer werkplezier. De eerlijkheid gebied te zeggen dat het nog best lastig is om het altijd toe te passen. De huisartsenpraktijk is enorm rijk aan prikkels de hele dag door. Je moet dus blijven oefenen, maar elke keer dat het wel lukt is rijkdom.”

Vitaliteit
Anne Heynen is psycholoog en docent bij de huisartsopleiding van het VUmc. Ook is zij (samen met Gert Roos, Chantal Bergers en Rianne Maillé) nauw betrokken bij de Nederlandse organisatie rond Deep Listening en de nascholing voor huisartsopleiders. Heynen: “Het gaat om het cultiveren van ‘a stong back and a soft front”. Het is belangrijk om tijdens de opleiding van huisartsen ook aandacht te besteden aan het versterken van hun persoonlijke kracht. Om de hele dag door met compassie naar hun patiënten te kunnen luisteren zonder meegezogen te worden in de verhalen, moeten zij in staat zijn om steeds terug te gaan naar zichzelf, naar hun bewuste aanwezigheid. Hierbij helpt meditatie of de luisteroefeningen die in de Deep Listening training gebruikt worden, maar ook aandachtsoefeningen, die heel klein kunnen zijn: bewust en met aandacht je handen wassen na elke patiënt of met aandacht naar de wachtkamer lopen bijvoorbeeld. Het is mooi om te zien hoeveel baat de jonge artsen hierbij hebben – en niet alleen jonge artsen, eigenlijk geldt dit voor alle hulpverleners!”

Waarde van stil zijn
Rianne Maillé is docent bij de huisartsenopleiding van het UMCU en al sinds 2011 actief op het gebied van Deep Listening. Zij volgde de opleiding bij Rosamund Oliver in Ierland: “Het is heel mooi om te ervaren dat als je heel weinig actief intervenieert in een gesprek er juist heel veel loskomt bij een zorgvrager. In de cursus leer je bijvoorbeeld ook de waarde van stil zijn met elkaar, met en zonder oogcontact, en hoeveel je zelfs dan nog communiceert. Heel bijzonder! Ook is het leuk dat cursisten uitwisselen hoe zij die kleine momenten benutten om even te ‘resetten’ na een consult. Bijvoorbeeld door even 10 tot 20 seconden naar een vakantiefoto te kijken en je te herinneren hoe het was, de geuren, de warmte, hoe je je voelde. Daarna had deze cursist weer nieuwe energie voor haar volgende consult.”

Deep Listening Nederland
Voor het volgen van een basisopleiding Deep Listening is geen ervaring met mindfulness of meditatie nodig. Voor iedereen die de basiscursus Deep Listening heeft gevolgd zijn er jaarlijks vervolgtrainingen (lang weekend) om de vaardigheden te verdiepen en oefenmiddagen. Alle trainingen worden nu nog gegeven door Rosamund Oliver zelf, samen met enkele Nederlandse betrokkenen. Het zit in de planning om in 2017 een train-de-trainer programma te starten, waardoor er in Nederland meer trainers beschikbaar komen en het aantal cursussen uitgebreid kan worden.

Cursussen

Van 9-11 juni 2017 verzorgt Ros Oliver een korte cursus (vrijdagavond + weekend) in Kontakt Der Kontinenten, Soesterberg. Deze cursus wordt georganiseerd door Spiritual Care Programme www.spcare.org. Neem contact op met nederland@spcare.org voor meer informatie en aanmelding. Accreditatie is toegekend voor 8 punten voor o.a. huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde en artsen voor verstandelijk gehandicapten.

Voor wie de Deep Listening Intensive heeft gevolgd is er de mogelijkheid de Advanced Deep Listening cursus te volgen van 30 oktober – 2 november 2017 in Zeegse (Drenthe). Voor meer informatie neem contact op met clingedeeplistening@gmail.com. Deze cursus is bijna vol. Voor o.a. huisartsen wordt accreditatie aangevraagd.

De volgende Deep Listening Intensive in Nederland vindt plaats op 18-22 juli 2018 in Denekamp. Deze wordt van 9-12 mei 2019 gevolgd door de Advanced Deep Listening training. Voor o.a. huisartsen wordt accreditatie aangevraagd. Voor meer informatie over deze twee trainingen, houd de agenda op de website van Frits Koster in de gaten.

Verder bestaat de mogelijkheid om deze trainingen te volgen in Engeland/Ierland en Duitsland (Berlijn). Wil je hierover meer informatie, neem contact op met deeplisteningtraining@gmail.com (Engelstalig).

©2015-2016 Harriët Messing

Advertenties
 

Vertaling Youngson’s TIME to CARE – al ruim 2000 verkocht 24 november 2014

Filed under: Compassie en menselijke maat — harrietmessing @ 10:37 pm
Tags: , ,

Robin YoungsonDe Nederlandse vertaling van Robin Youngson’s veelgeprezen boek ‘Time to Care’ via onder andere de webshop van BSL te koop (€ 20,90 / ISBN 978 90 368 0856 9) onder de titel: ‘Time to Care – Hoe je van je werk en je patiënten kunt houden’. Benieuwd naar het boek? Download hier hoofdstuk 1 al vast als voorproef. Harriët Messing, teamlid van Compassion for Care, heeft het boek vertaald.

Liever een e-book?
Je kunt een pdf van het boek kopen door € 16,95 over te maken op rekeningnummer NL10 INGB 0006486424 t.n.v. HDL Messing, Utrecht.
Je ontvangt het e-book in je mail binnen twee werkdagen, zodra de betaling binnen is.
Vermeld wel in het opmerkingenveld je e-mailadres zodat we de pdf aan je kunnen mailen! (more…)

 

Mijn wens voor jou in 2016 20 december 2015

Filed under: Klant centraal in zorg — harrietmessing @ 12:18 pm

Aristoteles

Ik hoop dat je daar in 2016 weer een stukje dichter bij gaat komen. Ik wens je prettige feestdagen en een compassie-vol en luister-rijk 2016! – Harriët

 

 

“Ik kan er completer zijn voor mijn patiënten” 13 mei 2015

De eerste uit een serie interviews met zorgverleners over balans.

Foto: D. Girigorie

Foto: D. Girigorie

“Ik vind het huisartsenvak erg leuk en het geeft me veel voldoening. Ik hoop het nog heel lang met veel plezier uit te oefenen, maar ik vind het ook zwaar”, vertelt Angelique Glansdorp (37). Zij werkt 33 uur per week als huisarts in een gezondheidscentrum in Leiden. Daarnaast geeft zij als gediplomeerd docent vijf uur per week yogales. Ook volgde ze cursussen op het gebied van mindfulness en compassie. “Yoga en mindfulness hebben mij geholpen bij mijn persoonlijke ontwikkeling. Daardoor kan ik er, denk ik, completer voor patiënten zijn. Niet alle wijsheid komt uit studieboeken.”

“Tijdens mijn coschap huisartsgeneeskunde had ik echt het gevoel dokter te kunnen zijn zoals dat bij mij past. Laagdrempelig contact met patiënten over uiteenlopende vragen en problemen. En in 10 (of 20) minuten moet het probleem en vervolg helder zijn. De huisarts staat letterlijk en figuurlijk dicht bij de patiënt, zonder witte jas, en kent de patiënt (en zijn familie) vaak al jaren en komt zo nodig bij hem thuis.”

Echt iets betekenen
“Natuurlijk worden er nieuwe dingen ontwikkeld zoals zelfmanagement en zorg op afstand. Maar de basis van mijn vak blijft toch de vertrouwensband, de gezins- en familiearts en de generalist zijn. Ik haal veel voldoening uit momenten dat ik zie dat ik voor patiënten echt iets kan betekenen. Dat kan heel uiteenlopend zijn: een ouder van een ziek kind geruststellen of iemand snel op de goede plek in het ziekenhuis krijgen als ik denk: “dit is niet pluis”. Maar ook een luisterend oor bieden en iemand weer een beetje de goede weg op helpen in een lastige situatie, bijvoorbeeld bij een scheiding of werkconflict. Of steun kunnen bieden bij een terminale ziekte. Deze mix van voorbeelden is denk ik alleen mogelijk in ons vak als huisarts.”

Mooi, maar zwaar
“Het is een mooi vak, maar ook een zwaar vak. De dagen zijn heel intensief. Je moet heel vaak switchen met je aandacht: elke tien minuten een nieuwe patiënt met diens eigen verhaal en de vele dingen die ‘even tussendoor’ gedaan moeten worden. De problematiek waar je mee te maken krijgt, kan emotioneel zwaar zijn. Er is een continue tijdsdruk tijdens het spreekuur en ook de rest van de dag. En daarnaast komen dan nog de extra dingen: het bijhouden van de zorgprogramma’s, de lijstjes huiswerk voor het FTO nalopen, allerlei overleggen en ga zo maar door. Soms heb ik aan het eind van de dag het gevoel een marathon te hebben gelopen en ben ik blij dat ik de eindstreep heb gehaald.”

Balans
“Mindfulness en yoga helpen me beter voor mezelf te zorgen en in balans te blijven, zodat ik goed voor anderen kan blijven zorgen. In de yoga en mindfulness concentreer je je alleen op je lijf en je ademhaling. Je bent even uit je gedachten, uit het denken. Het gaat om bewust-zijn, bewust zijn. Heel anders dan een uurtje sporten, want yoga en mindfulness zijn niet prestatiegericht, je hoeft niets te bereiken. Niet ziekte is er belangrijk, maar wel-zijn, je prettig voelen. En daar is niets spiritueels of zweverigs aan.”

Meer van het goede
“Ik ben een reguliere, westerse huisarts en waak ervoor yoga en mindfulness bij mijn patiënten te promoten. In het contact met mijn patiënten speelt het wel onbewust een rol in hoe ik aandacht geef en hoe ik bepaalde problematiek bekijk. In onze maatschappij moeten we veel van onszelf, alles lijkt maakbaar, maar dat is het natuurlijk niet. Af en toe, en zeker als jijzelf of een familielid ziek is, is een pas op de plaats nodig, een beetje rust en lief zijn voor jezelf. Waar word je gelukkig van, waar haal je energie vandaan? Als de balans niet goed is, kan zich dat uiten in lichamelijke klachten. Dan kijk ik samen met patiënten waar ze die rust al wel vinden en adviseer ze dat dan vooral meer te gaan doen. Zo versterk je wat mensen zelf al kunnen.”

Persoonlijk leiderschap
“Ik vind het heel erg belangrijk om als zorgverlener bezig te zijn met je persoonlijke ontwikkeling. Wie je zelf bent, neem je immers mee in je rol als arts richting collega’s en patiënten. Het gaat om persoonlijk leiderschap en dat kun je langs veel wegen bereiken, niet alleen via yoga of mindfulness. Jezelf goed leren kennen helpt je in allerlei opzichten. Je begrijpt sneller waar bijvoorbeeld irritatie bij jezelf vandaan komt, of herkenning van jezelf in een ander, en daardoor kun je er beter mee omgaan. Je wordt er een rijker, wijzer persoon van. En dat is goed voor jezelf én voor de mensen met wie en voor wie je het allemaal doet.”

©2015 Harriët Messing

 

5 tips om te zorgen dat je arts naar je luistert 16 februari 2015

Filed under: Klant centraal in zorg — harrietmessing @ 2:23 pm
Tags: ,

When doctors don't listenIn het boek When Doctors Don’t Listen (Wanneer dokters niet luisteren) vertellen de Amerikaanse SEH-artsen Leana Wen en Joshua Kosowsky wat veel patiënten regelmatig vermoeden: artsen stoppen vaak met luisteren naar het verhaal van een patiënt wanneer ze gefocust zijn op het stellen van een diagnose. Ze richten zich vaak op specifieke symptomen, wat ertoe kan leiden dat ze teveel tests uitvoeren en overbehandelen.

Een waargebeurd voorbeeld: een mevrouw van 85 komt bij de huisarts met pijn in de heupstreek. De mevrouw vertelt dat de pijn niet in de lies zit, maar meer aan de achterkant. De pijn zorgt ervoor dat ze bijna niet kan lopen. En dat het lijkt op wat ze een paar jaar gelden al eens heeft gehad, toen er een verschoven ruggenwervel de oorzaak bleek van een beknelde zenuw. Mevrouw is een half jaar ervoor geopereerd aan endeldarmkanker. Na de operatie heeft zij een colonstoma gekregen en er zijn geen uitzaaiingen gevonden, noch op scans voor de operatie, nog in de bij de operatie weggenomen lymfeknopen. Ook de bloeduitslagen bij de eerste nacontrole zeer recent waren goed.

De huisarts doet geen lichamelijk onderzoek. Hij besluit wel een foto van de heup te laten maken en bloed af te nemen vanwege ‘de mogelijkheid op uitzaaiingen’. De bloeduitslagen zijn wederom goed en op de röntgenfoto is wat slijtage te zien die normaal is voor haar leeftijd. De huisarts verwijst haar nu door naar de fysiotherapeut. Die constateert een flinke knoop in een spier aan de achterkant van haar heup, veroorzaakt door verkeerd liggen en/of lopen door het gewicht van het stomazakje. De knoop wordt in een paar sessies weggemasseerd en mevrouw krijgt oefeningen om haar houding te verbeteren. Had de huisarts beter geluisterd en lichamelijk onderzoek gedaan naar de plaats van de pijn, dan had hij zijn tests over kunnen slaan.

Kookboekgeneeskunde
Wen en Kosowsky vinden dat artsen vandaag de dag de kunst van het luisteren naar patiënten onvoldoende beheersen. Hierdoor kunnen zij de symptomen van een patiënt niet goed in een context plaatsen. Wen geeft zelf ook toe dat zij tijdens haar opleiding eerst heel erg vastzat in deze vorm van kookboekgeneeskunde, waarbij ze als het ware in haar hoofd een checklist afvinkte met symptomen, terwijl de patiënt doorpraatte. Zo dacht ze het meest efficiënt te zijn.

Verhaal patiënt is instrument
Kosowsky, vicevoorzitter en klinisch hoofd van Brigham’s spoedeisende zorgafdeling, noemt het “een fout in de manier waarop we artsen leren denken”, het resultaat van te veel vertrouwen in high-tech beeldtechnieken en bloedtesten om biomarkers te meten die er een generatie eerder niet waren. “Het gaat om de balans”, vindt hij: “Leana en ik zeggen niet dat we alle richtlijnen en protocollen eruit moeten gooien. En artsen volgen deze richtlijnen met de allerbeste intenties. Maar ze spelen nu een te grote rol. Ze zijn handig om de patiëntveiligheid te vergroten, bijvoorbeeld bij infectiepreventie of voor- en na operaties, maar niet bij het stellen van een diagnose. Daar is het verhaal van de patiënt één van je belangrijkste instrumenten.”

Hoe kan je er als patiënt zelf voor zorgen dat je arts beter naar je luistert? Dit is wat Wen en Kosowsky aanraden:

  1. Vertel een goed verhaal. Begin bij het begin en vertel in vijf minuten of korter (indien mogelijk) je verhaal chronologisch in hoofdlijnen waarbij je belangrijke onderdelen benadrukt. Je kunt je verhaal van tevoren in een paar belangrijke punten voorbereiden op papier. Gebruik geen medisch jargon dat je op TV of internet hebt opgedaan. Als de arts je probeert te onderbreken met vragen, haal adem en vraag of je eerst je verhaal af mag maken voor hij vragen stelt.
  2. Geef altijd context. Wat gebeurde er in je leven toen de symptomen begonnen? Als ze recent erger zijn geworden, wat denk je dat die verergering zou kunnen veroorzaken? Dit helpt je arts verder te kijken dan het diagnostische protocol en je meer als individu te zien.
  3. Beschrijf symptomen zo specifiek mogelijk gedurende een lichamelijk onderzoek. Als je maar op één plek pijn voelt, laat dat weten. Vertel of de pijn scherp of vaag is, contant of met tussenpozen. Artsen gebruiken meestal een pijnscore van 1 – 10, waarbij 1 voor heel milde en 10 voor martelende pijn staat. Maar dit kan misleidend zijn, want de definitie van een patiënt voor pijn van categorie 10 kan heel anders zijn dan die van de arts.
  4. Zorg dat je een differentiaaldiagnose krijgt. Artsen moeten meer dan één diagnose in hun hoofd hebben bij aanvang om ervoor te zorgen dat ze niets over het hoofd zien. Meestal zal een arts sterker denken aan één specifieke diagnose en een paar andere in zijn achterhoofd houden. Je kunt bijvoorbeeld te horen krijgen dat de arts denkt dat je migraine hebt, maar dat als de pijn gedurende de komende week niet minder wordt, je een hersenscan moet ondergaan om een tumor uit te sluiten. “Pas op als het erop lijkt dat je arts maar op het uitsluiten van één specifieke aandoening gefocust lijkt.” schrijven Wen en Kosowsky.
  5. Vraag naar de redenen voor elke medische test. Je arts moet in staat zijn uit te leggen waarnaar hij op zoek is, hoe groot de kans is dat je die diagnose hebt en of je behandeling op basis van die diagnose anders zal zijn. Elke test heeft risico’s, zelf een simpele bloedafname, vindt Wen, dus ze moeten om de juiste redenen gedaan worden.

©2015 Harriët Messing

 

Studie valideert app die beweeglijkheid gewrichten beoordeelt 26 januari 2015

Filed under: eHealth — harrietmessing @ 7:00 am
Tags: ,

goniometerEen onderzoek dat recent in het Journal of Shoulder and Elbow Surgery werd gepubliceerd, toont aan dat een app effectief ingezet kan worden om de beweeglijkheid van het schoudergewricht te beoordelen. Onderzoekers van de University of Virginia Health Systems hebben de Clinometer (iOS | € 1,99) app geëvalueerd als vervanger voor de goniometer.

De goniometer is de ‘gouden standaard’ in de klinische en onderzoekssetting om de beweeglijkheid van gewrichten te beoordelen bij patiënten. De twee armen van de goniometer worden op de twee assen van een gewricht gelegd in dezelfde oriëntatie als bijvoorbeeld boven- en onderbeen. De mate van beweeglijkheid kan dan beoordeel worden door het been te buigen en te strekken en dat met de goniometer te meten. Nauwkeurige metingen zijn belangrijk om het probleem in kaart te brengen en om tijdens en na de behandeling de verbetering meetbaar te maken. De goniometer is één van de oudste instrumenten in de geschiedenis van de geneeskunde, net zoals de reflexhamer. Het heeft al honderden jaren nauwelijks veranderingen ondergaan, tot nu de komst van de goniometer app.

App betrouwbaarder
Werner et al., Bestudeerden de mate van beweeglijkheid van het schoudergewricht bij 24 gezonde studenten en 15 symptomatische postoperatieve patiënten. Vijf onderzoekers vergeleken de meetresultaten die waren gekregen door middel van een standaard goniometer en door middel van de app. Ze concludeerden dat de resultaten van beide instrumenten in zeer hoge mate overeen kwamen bij gezonde en symptomatische patiënten. Het bleek zelfs dat de traditionele goniometer lager scoorde op betrouwbaarheid dan de app als je de metingen van dezelfde schouder van vijf verschillende onderzoekers met elkaar vergeleek.

Goedkoper en altijd bij de hand
De app heeft daarnaast een aantal voordelen ten opzichte van de traditionele goniometer. De kosten zijn met € 1,99 extreem lag en de app is altijd onder handbereik in de klinische setting en eenvoudig in het gebruik. De traditionele goniometer (te koop voor tussen de 12 en 60 euro) is niet in elke kliniek voorhanden en minder gemakkelijk in het gebruik. De kans dat de zorgverlener zijn smartphone bij zich heeft is een stuk groter. De goniometer is een groot instrument dat je niet in je jaszak mee kunt dragen. Maar hij is ook klein genoeg om in de onderzoekskamer ‘kwijt te raken’ als je hem deelt met collega’s.

Dit onderzoek laat zien dat een simpele app een belangrijke rol kan spelen bij het verbeteren van de zorg. Er zijn vast meer traditionele instrumenten die in app-vorm betere of beter toegankelijke zorg kunnen bieden. Ik zie uit naar de creativiteit van ontwikkelaars en behandelaars!

©2015 Harriët Messing

Dit artikel is eerder verschenen op DigitaleZorgGids.

 

Verwacht niet dat Apple Watch je slaap monitort 20 januari 2015

Filed under: eHealth — harrietmessing @ 7:00 am
Tags: , ,

Apple WatchDe batterijduur van de Apple Watch is slechts één dag volgens Apple’s CEO Tim Cook, dus ga er maar niet vanuit dat je met deze smartwatch je slaappatroon kunt monitoren. Datzelfde geldt voor de Pebble watch. Zij voegden recent continu-monitoring toe. Maar de batterijduur die normaal 3-4 dagen was, loopt hard terug als je die functie inschakelt voor slaapmonitoring, naar net iets meer dan een dag. Omdat je je smartwatch dagelijks op moet laten gedurende de nacht, kun je deze functie dus wel vergeten. Je zal daar dus een andere monitorings-app of device voor moeten gebruiken.

Slaapmonitoring is een functie die we serieus moeten nemen. De verwachting is dat de industrie op dit gebied in de komende jaren meer dan 100 miljoen dollar zal vertegenwoordigen. Een wat belangrijker is, er is ook serieuze interesse van consumenten. Het device dat op Kickstarter de meeste funding wist weg te slepen is een slaapmonitor die meer dan 2 miljoen wist op te halen.

Het valt te betwijfelen of de Apple Watch de komende Jaren deze functie wel zal kunnen bieden, tenzij er iets revolutionairs gebeurt op het gebeid van batterijduur. Apple heeft nog nooit vorm ingewisseld voor een grotere batterij om functionaliteiten toe te kunnen voegen. Alleen al daarom zal slaapmonitoring niet een functie zijn die we snel in de Apple Watch mogen verwachten.

Wearables zouden hier slim op in kunnen spelen door apparaten te bieden die slaapmonitoring op innovatieve manieren integreren samen met andere meetwaarden.

©2015 Harriët Messing

Dit artikel is eerder verschenen op DigitaleZorgGids.

 

Wearable? Welke wearable? 12 januari 2015

Filed under: eHealth — harrietmessing @ 7:00 am
Tags: , , ,

Wearable-What-Wearable-300x150Het is het ultieme teken van iets dat overal te vinden is: dat het niet langer meer opvalt tenzij je er specifiek naar op zoek bent. Een nieuwe voorspelling van Gartner zegt dat 30 procent van de wearables binnen drie jaar niet meer zichtbaar gedragen zullen worden.

“Er zijn al een aantal interessante ontwikkelingen in het stadium van prototype die de weg kunnen gaan effenen om wearables voor consumenten naadloos te verweven in hun omgeving”, vertelt Annette Zimmermann, research director bij Gartner.

“Slimme contactlenzen zijn er daar één van”, volgens haar. “Een andere interessante categorie wearables is ‘slimme sieraden’. Er zijn momenteel een stuk of twaalf gecrowdfundete projecten op dit gebied waarbij sensoren in sierarden zijn ingebouwd voor bijvoorbeeld communicatie-alerts en noodalarm. Opvallende wearables die al op de markt zijn, zoals smart glasses, zullen waarschijnlijk nieuwe designs gaan maken om de technologische componenten te verbergen.”

Gartner deed nog meer voorspellingen. Bijvoorbeeld dat tegen 2018 er 25 miljoen head-mounted displays (HMDs) zullen zijn verkocht als immersive devices end at virtuele werelden mainstream zullen zijn geworden. Wat dit betekent voor toepassing in de zorg zal uitermate interessant zijn!

©2015 Harriët Messing

Dit artikel is eerder verschenen op DigitaleZorgGids.

 

 
%d bloggers liken dit: