ZORGdotCOM

Communicatieadvies + Tekst

Deep Listening: met je hele wezen luisteren 13 april 2017

deep listeningOm echt goed naar anderen te kunnen luisteren, moeten we eerst leren goed naar onszelf te luisteren. Wie slecht luistert, vindt het vaak moeilijk om de eigen behoeften en belangen te scheiden van die van de ander. In alles wat je hoort, spelen dan vragen mee als: ‘Wat betekent dit voor mij?’ of ‘Wat kan ik nu zeggen om mijn zin te krijgen?’ Deep Listening (dieper horen) is een door de Ierse boeddhist en psychotherapeute Rosamund Oliver ontwikkelde luistertechniek. De meerdaagse training wordt inmiddels bij het VUmc en het UMC Utrecht aangeboden aan huisartsopleiders. Gert Roos, huisarts in Laren: “Luisteren op zich, dus zonder dat het leidt tot een (be)handeling, is al een kwaliteit van een consult.”

Patiënten willen gehoord en gekend worden
Als je patiënten vraagt wat ze belangrijke kwaliteiten vinden van hun zorgverlener, dan staat luisteren/begrip en compassie hoog op de wensenlijst, nog hoger dan technische vakbekwaamheid. Goed luisteren, betekent oordeelvrije en oprecht geïnteresseerde aandacht geven aan de ander, waarbij je jezelf de tijd en ruimte geeft om wat hij zegt volledig te absorberen. Het zoekt niet naar de oppervlakkige betekenis maar naar het doel, het belang of de behoefte die zit achter wat de ander zegt. Goed luisteren, moedigt de ander aan open en eerlijk te spreken, zonder angst voor veroordeling of afwijzing.

Dieper horen
Carl Rogers, de bekende Amerikaanse psycholoog, doceerde ‘actief luisteren’, een techniek waarbij de luisteraar de ander teruggeeft wat hij denkt gehoord te hebben om zo helderheid te krijgen als de betekenis van wat is gezegd niet duidelijk is. Deep Listening gebruikt sommige technieken van actief luisteren, maar kent een meer contemplatieve kwaliteit. Het maakt gebruik van verschillende methoden uit de hedendaagse psychologie, gecombineerd met de boeddhistische meditatie- en compassietraining. Dieper horen maakt werkelijk luisteren mogelijk, zonder vragen te stellen, een deskundige mening te geven of iemand te willen redden. Hierdoor ontstaat ruimte voor helderheid, begrip en empathie en is er ruimte voor transformatie. Bert van Dijk leidt trainers en coaches op. Hij volgde de 5-daagse opleiding Deep Listening in Ierland en is enthousiast over wat het hem heeft gebracht: “Luisteren is rijker als je luistert met je hele wezen. Je neemt meer waar, er is meer verbinding.”

Zelf-bewustzijn
De training richt zich op drie aspecten: embodiment (bringing the mind home), wat wil zeggen: jezelf in een staat van bewuste aanwezigheid brengen. Vervolgens je werkelijk openstellen voor de ander (compassie) en ondersteunend aanwezig blijven (presentie). Daarbij maak je als het ware steeds de beweging van de lemniscaat: aandacht voor de ander, even terug naar jezelf (wat vult nu mijn luisterruimte, wat beïnvloedt wat ik hoor?), weer naar de aandacht voor de ander en weer terug naar jezelf enzovoort. Het focust op zelf-bewustzijn als basis voor goed luisteren en communiceren. Want pas als je jezelf kent en OK bent met jezelf, kun je authentiek en open anderen tegemoet treden.

Werkplezier
Gé Bontenbal, huisarts te Amsterdam en coach/supervisor voor medici, volgde in 2014 samen met 14 andere huisarts-opleiders de cursus Deep Listening bij de VU. Al eerder had hij daar de opleiding mindfulness gedaan en mediteert sindsdien regelmatig. Bontenbal: “Ik zag deze cursus als verdieping van wat ik al deed op een heel belangrijk aspect in je vak: luisteren. Het laat zich ook goed integreren met andere gesprekstechnieken als Transactionele Analyse en problem solving. Het geeft een extra dimensie aan de mindset om je steeds te verplaatsen in de ander. Vooral compassie en presentie zijn goed in te passen in consulten, het maakt je authentieker, je maakt werkelijk contact en dat geeft meer werkplezier. De eerlijkheid gebied te zeggen dat het nog best lastig is om het altijd toe te passen. De huisartsenpraktijk is enorm rijk aan prikkels de hele dag door. Je moet dus blijven oefenen, maar elke keer dat het wel lukt is rijkdom.”

Vitaliteit
Anne Heynen is psycholoog en docent bij de huisartsopleiding van het VUmc. Ook is zij (samen met Gert Roos, Chantal Bergers en Rianne Maillé) nauw betrokken bij de Nederlandse organisatie rond Deep Listening en de nascholing voor huisartsopleiders. Heynen: “Het gaat om het cultiveren van ‘a stong back and a soft front”. Het is belangrijk om tijdens de opleiding van huisartsen ook aandacht te besteden aan het versterken van hun persoonlijke kracht. Om de hele dag door met compassie naar hun patiënten te kunnen luisteren zonder meegezogen te worden in de verhalen, moeten zij in staat zijn om steeds terug te gaan naar zichzelf, naar hun bewuste aanwezigheid. Hierbij helpt meditatie of de luisteroefeningen die in de Deep Listening training gebruikt worden, maar ook aandachtsoefeningen, die heel klein kunnen zijn: bewust en met aandacht je handen wassen na elke patiënt of met aandacht naar de wachtkamer lopen bijvoorbeeld. Het is mooi om te zien hoeveel baat de jonge artsen hierbij hebben – en niet alleen jonge artsen, eigenlijk geldt dit voor alle hulpverleners!”

Waarde van stil zijn
Rianne Maillé is docent bij de huisartsenopleiding van het UMCU en al sinds 2011 actief op het gebied van Deep Listening. Zij volgde de opleiding bij Rosamund Oliver in Ierland: “Het is heel mooi om te ervaren dat als je heel weinig actief intervenieert in een gesprek er juist heel veel loskomt bij een zorgvrager. In de cursus leer je bijvoorbeeld ook de waarde van stil zijn met elkaar, met en zonder oogcontact, en hoeveel je zelfs dan nog communiceert. Heel bijzonder! Ook is het leuk dat cursisten uitwisselen hoe zij die kleine momenten benutten om even te ‘resetten’ na een consult. Bijvoorbeeld door even 10 tot 20 seconden naar een vakantiefoto te kijken en je te herinneren hoe het was, de geuren, de warmte, hoe je je voelde. Daarna had deze cursist weer nieuwe energie voor haar volgende consult.”

Deep Listening Nederland
Voor het volgen van een basisopleiding Deep Listening is geen ervaring met mindfulness of meditatie nodig. Voor iedereen die de basiscursus Deep Listening heeft gevolgd zijn er jaarlijks vervolgtrainingen (lang weekend) om de vaardigheden te verdiepen en oefenmiddagen. Alle trainingen worden nu nog gegeven door Rosamund Oliver zelf, samen met enkele Nederlandse betrokkenen. Het zit in de planning om in 2017 een train-de-trainer programma te starten, waardoor er in Nederland meer trainers beschikbaar komen en het aantal cursussen uitgebreid kan worden.

Cursussen

Van 9-11 juni 2017 verzorgt Ros Oliver een korte cursus (vrijdagavond + weekend) in Kontakt Der Kontinenten, Soesterberg. Deze cursus wordt georganiseerd door Spiritual Care Programme www.spcare.org. Neem contact op met nederland@spcare.org voor meer informatie en aanmelding. Accreditatie is toegekend voor 8 punten voor o.a. huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde en artsen voor verstandelijk gehandicapten.

Voor wie de Deep Listening Intensive heeft gevolgd is er de mogelijkheid de Advanced Deep Listening cursus te volgen van 30 oktober – 2 november 2017 in Zeegse (Drenthe). Voor meer informatie neem contact op met clingedeeplistening@gmail.com. Deze cursus is bijna vol. Voor o.a. huisartsen wordt accreditatie aangevraagd.

De volgende Deep Listening Intensive in Nederland vindt plaats op 18-22 juli 2018 in Denekamp. Deze wordt van 9-12 mei 2019 gevolgd door de Advanced Deep Listening training. Voor o.a. huisartsen wordt accreditatie aangevraagd. Voor meer informatie over deze twee trainingen, houd de agenda op de website van Frits Koster in de gaten.

Verder bestaat de mogelijkheid om deze trainingen te volgen in Engeland/Ierland en Duitsland (Berlijn). Wil je hierover meer informatie, neem contact op met deeplisteningtraining@gmail.com (Engelstalig).

©2015-2016 Harriët Messing

Advertenties
 

“Ik kan er completer zijn voor mijn patiënten” 13 mei 2015

De eerste uit een serie interviews met zorgverleners over balans.

Foto: D. Girigorie

Foto: D. Girigorie

“Ik vind het huisartsenvak erg leuk en het geeft me veel voldoening. Ik hoop het nog heel lang met veel plezier uit te oefenen, maar ik vind het ook zwaar”, vertelt Angelique Glansdorp (37). Zij werkt 33 uur per week als huisarts in een gezondheidscentrum in Leiden. Daarnaast geeft zij als gediplomeerd docent vijf uur per week yogales. Ook volgde ze cursussen op het gebied van mindfulness en compassie. “Yoga en mindfulness hebben mij geholpen bij mijn persoonlijke ontwikkeling. Daardoor kan ik er, denk ik, completer voor patiënten zijn. Niet alle wijsheid komt uit studieboeken.”

“Tijdens mijn coschap huisartsgeneeskunde had ik echt het gevoel dokter te kunnen zijn zoals dat bij mij past. Laagdrempelig contact met patiënten over uiteenlopende vragen en problemen. En in 10 (of 20) minuten moet het probleem en vervolg helder zijn. De huisarts staat letterlijk en figuurlijk dicht bij de patiënt, zonder witte jas, en kent de patiënt (en zijn familie) vaak al jaren en komt zo nodig bij hem thuis.”

Echt iets betekenen
“Natuurlijk worden er nieuwe dingen ontwikkeld zoals zelfmanagement en zorg op afstand. Maar de basis van mijn vak blijft toch de vertrouwensband, de gezins- en familiearts en de generalist zijn. Ik haal veel voldoening uit momenten dat ik zie dat ik voor patiënten echt iets kan betekenen. Dat kan heel uiteenlopend zijn: een ouder van een ziek kind geruststellen of iemand snel op de goede plek in het ziekenhuis krijgen als ik denk: “dit is niet pluis”. Maar ook een luisterend oor bieden en iemand weer een beetje de goede weg op helpen in een lastige situatie, bijvoorbeeld bij een scheiding of werkconflict. Of steun kunnen bieden bij een terminale ziekte. Deze mix van voorbeelden is denk ik alleen mogelijk in ons vak als huisarts.”

Mooi, maar zwaar
“Het is een mooi vak, maar ook een zwaar vak. De dagen zijn heel intensief. Je moet heel vaak switchen met je aandacht: elke tien minuten een nieuwe patiënt met diens eigen verhaal en de vele dingen die ‘even tussendoor’ gedaan moeten worden. De problematiek waar je mee te maken krijgt, kan emotioneel zwaar zijn. Er is een continue tijdsdruk tijdens het spreekuur en ook de rest van de dag. En daarnaast komen dan nog de extra dingen: het bijhouden van de zorgprogramma’s, de lijstjes huiswerk voor het FTO nalopen, allerlei overleggen en ga zo maar door. Soms heb ik aan het eind van de dag het gevoel een marathon te hebben gelopen en ben ik blij dat ik de eindstreep heb gehaald.”

Balans
“Mindfulness en yoga helpen me beter voor mezelf te zorgen en in balans te blijven, zodat ik goed voor anderen kan blijven zorgen. In de yoga en mindfulness concentreer je je alleen op je lijf en je ademhaling. Je bent even uit je gedachten, uit het denken. Het gaat om bewust-zijn, bewust zijn. Heel anders dan een uurtje sporten, want yoga en mindfulness zijn niet prestatiegericht, je hoeft niets te bereiken. Niet ziekte is er belangrijk, maar wel-zijn, je prettig voelen. En daar is niets spiritueels of zweverigs aan.”

Meer van het goede
“Ik ben een reguliere, westerse huisarts en waak ervoor yoga en mindfulness bij mijn patiënten te promoten. In het contact met mijn patiënten speelt het wel onbewust een rol in hoe ik aandacht geef en hoe ik bepaalde problematiek bekijk. In onze maatschappij moeten we veel van onszelf, alles lijkt maakbaar, maar dat is het natuurlijk niet. Af en toe, en zeker als jijzelf of een familielid ziek is, is een pas op de plaats nodig, een beetje rust en lief zijn voor jezelf. Waar word je gelukkig van, waar haal je energie vandaan? Als de balans niet goed is, kan zich dat uiten in lichamelijke klachten. Dan kijk ik samen met patiënten waar ze die rust al wel vinden en adviseer ze dat dan vooral meer te gaan doen. Zo versterk je wat mensen zelf al kunnen.”

Persoonlijk leiderschap
“Ik vind het heel erg belangrijk om als zorgverlener bezig te zijn met je persoonlijke ontwikkeling. Wie je zelf bent, neem je immers mee in je rol als arts richting collega’s en patiënten. Het gaat om persoonlijk leiderschap en dat kun je langs veel wegen bereiken, niet alleen via yoga of mindfulness. Jezelf goed leren kennen helpt je in allerlei opzichten. Je begrijpt sneller waar bijvoorbeeld irritatie bij jezelf vandaan komt, of herkenning van jezelf in een ander, en daardoor kun je er beter mee omgaan. Je wordt er een rijker, wijzer persoon van. En dat is goed voor jezelf én voor de mensen met wie en voor wie je het allemaal doet.”

©2015 Harriët Messing

 

Vertaling Youngson’s TIME to CARE – al ruim 2000 verkocht 24 november 2014

Filed under: Compassie en menselijke maat — harrietmessing @ 10:37 pm
Tags: , ,

Robin YoungsonDe Nederlandse vertaling van Robin Youngson’s veelgeprezen boek ‘Time to Care’ via onder andere de webshop van BSL te koop (€ 20,90 / ISBN 978 90 368 0856 9) onder de titel: ‘Time to Care – Hoe je van je werk en je patiënten kunt houden’. Benieuwd naar het boek? Download hier hoofdstuk 1 al vast als voorproef. Harriët Messing, teamlid van Compassion for Care, heeft het boek vertaald.

Liever een e-book?
Je kunt een pdf van het boek kopen door € 16,95 over te maken op rekeningnummer NL10 INGB 0006486424 t.n.v. HDL Messing, Utrecht.
Je ontvangt het e-book in je mail binnen twee werkdagen, zodra de betaling binnen is.
Vermeld wel in het opmerkingenveld je e-mailadres zodat we de pdf aan je kunnen mailen! (more…)

 

Leed van zorgverleners na medische incidenten taboe 3 juni 2014

Vanhaecht

Kris Vanhaecht

“Studenten ziekenhuismanagement, mensen die al jaren als arts werkzaam waren, bleken tijdens het examen alsnog in tranen uit te barsten bij de presentatie van een eigen case waarbij het (bijna) mis was gegaan”, vertelt Kris Vanhaecht tijdens de thema-avond over de impact van medische incidenten op zorgverleners. Deze werd georganiseerd door Compassion for Care en de VvAA en vond plaats op 13 mei jl. in de Domus Medica in Utrecht. In de zaal zaten ruim 200 artsen, verpleegkundigen, managers, patiënten(vertegenwoordigers) en zelfs inspecteurs van de IGZ. Vanhaecht is doceert kwaliteitsbeleid aan de KU Leuven en fellow bij het CBO in Utrecht. Als verpleegkundige maakte hij ook zelf mee wat een medisch incident met je doet. Het motiveerde hem om zich te gaan richten op patiëntveiligheid en kwaliteit in de zorg.

In zijn zoektocht naar informatie over de psychosociale gevolgen van medische incidenten op zorgverleners kwam hij in contact met mensen als Albert Wu (John’s Hopkins), Jim Conway (Harvard; Institute for Healthcare Improvement) en Sue Scott (Missouri University). Samen met hen en andere wetenschappers onderzoekt hij hoe vaak het fenomeen second victim – waarbij de patiënt uiteraard het first victim is. Een second victim is een hulpverlener die is betrokken bij een medisch incident, getraumatiseerd is door dit gebeuren, zich persoonlijk verantwoordelijk voelt, denkt dat hij gefaald heeft en gaat twijfelen aan zijn klinische kennis & kunde. In een systematische literatuurreview vinden de onderzoekers dat de in de literatuur gerapporteerde prevalentie van second victims na een medisch incident varieert van 10.4 procent tot 43.3 procent. Vanhaecht stelt dat ten minste 50 procent van de zorgverleners ooit tijdens hun carrière second victim zullen worden.

Gevolgen
De impact van medische incidenten is voelbaar in het werk (er is een directe relatie met patiëntveiligheid) en op de persoon van de zorgverlener. In het werk gaan betrokkenen zich anders gedragen binnen het team en ten opzichte van patiënten. Er kan een onveilig gevoel ontstaan binnen het team. De eigen onzekerheid kan sneller leiden tot nieuwe medische incidenten. Sommigen raken depressief of burn-out met alle negatieve gevolgen van dien op de veiligheid. Tien procent denkt er zelfs over om zijn job te verlaten. Posttraumatische stress stoornis, boosheid, slapeloosheid, zenuwachtigheid, angst zijn bekende klachten na een incident. Ook ervaren mensen een negatief effect op het gezinsleven. Niet iedereen reageert op die manier op een medisch incident. Er zijn ook zorgverleners die er sterk door worden gemotiveerd om iets te gaan doen aan het voorkomen van nieuwe incidenten.

Eerst de patiënt
Vanhaecht benadrukt dat de patiënt altijd de eerste en volledige aandacht en steun moet krijgen. Openheid, ‘er voor hem en zijn familie zijn’, oprechte excuses en vertellen hoe je het incident in de toekomst gaat voorkomen zijn de pijlers hierbij.

Steun voor second victims
Daarnaast heeft Vanhaecht met zijn collega’s ook literatuuronderzoek gedaan naar de huidige praktijk van ondersteuning. Daaruit blijkt dat steun voor teamleden die een medisch incident hebben meegemaakt in ziekenhuizen goed georganiseerd moet worden. Daarvoor is een model ontwikkeld, het Scott Three-tiered Integrated Model of Interventional Support. Het eerste niveau begint op de werkvloer. Een collega, een teamleider, een supervisor biedt één-op-één ruimte voor het verhaal en de emoties, biedt geruststelling en professionele/collegiale feedback op de case. Het ziekenhuis biedt op het tweede niveau getrainde collega’s en andere professionals (denk aan kwaliteitsmedewerkers of risicomanagers) die één-op-één crisisinterventie bieden, alsmede collegiale mentoring, team debriefings en steun door onderzoek en potentieel (wat kan er geleerd worden). Op het derde niveau is er een goed doorverwijzingsnetwerk waarbinnen snel en adequaat professionele hulp op maat kan worden georganiseerd.


The Scott Three-Tiered Interventional Model of support

Ook aandacht voor impact op management
Zorgverleners hebben in deze situaties snel een luisterend en zorgzaam oor nodig, mensen die hen helpen hun emoties, onzekerheden, vragen en het vervolg te adresseren en navigeren. Denk aan gesprekken met de patiënt en/of diens familie of gesprekken die deel zijn van het onderzoek naar het incident. Vanhaecht en zijn collega’s zijn nog volop bezig te onderzoeken welke interventies echt werken. Belangrijk is dat er aandacht is voor alle betrokkenen: patiënt, familie, zorgverleners en management. Vanhaecht introduceert daarom ook de term third victim. Dit zijn de managers en de leden van raden van bestuur in ziekenhuizen die door de enorme impact van medische incidenten die de (sociale) media halen ook getraumatiseerd kunnen raken. Slapeloosheid, prikkelbaarheid, stress, depressie, impact op hun gezinsleven. Ook zij ontspringen niet de dans en ook zij hebben steun nodig. De steun aan alle betrokkenen moet er direct na het incident zijn, maar moet ook voor de middellange en lange termijn verzekerd zijn.

Awareness en verder onderzoek
Vanhaecht en zijn collega-onderzoekers zijn nog niet klaar met onderzoek naar dit thema. Zo wordt er gekeken naar de prevalentie bij studenten verpleegkunde & artsen in opleiding, de prevalentie, opvang en gewenste ondersteuning bij artsen, vpk & vroedvrouwen, wordt kwalitatief onderzoek gedaan naar ervaringen van second victims, wordt onderzocht hoe second victims binnen de psychiatrie voorkomen kunnen worden, wordt gekeken naar de impact op third victims, worden de huidige support systems geanalyseerd en wordt de bestaande MITTS-toolkit verbeterd. Vanhaecht zal daarnaast vanuit zowel KULeuven als het CBO samen met onder andere gynaecoloog Gerda Zeeman in ziekenhuizen in Nederland en Vlaanderen bij het management aandacht gaan vragen voor dit thema.

©2014 Harriët Messing

Meer informatie over dit onderwerp
Websites: http://www.krisvanhaecht.be en http://www.secondvictim.be
Literatuur:

 

In de schoenen van een ander 13 maart 2013

Filed under: Compassie en menselijke maat — harrietmessing @ 6:56 pm
Tags:

Could a greater miracle take place than for us to look through each others eyes for an instant?– Henri David Thoreau

Een prachtig filmpje van het Amerikaanse ClevelandClinic dat patiënten en zorgverleners neerzet al mensen met hun eigen emoties en zorgen. De ultieme vraag: Zou u hen anders behandelen als u zou zien wat zij zien, zou voelen wat zij voelen?

 

 

Komen de wijzen uit het Oosten? 14 januari 2013

Vanuit mijn vrijwilligerswerk voor Compassion for Care ben ik al een tijdje aan het kijken naar elementen die vernieuwing, transparantie en de menselijke maat in zorgorganisaties in de weg staan. Langzamerhand ben ik ervan overtuigd geraakt dat het top-down besturingsmodel dat in de meeste organisaties nog aanwezig is er daar één van is. Tijdens het symposium Beeldzorg in Beeld van Sensire (Achterhoek) zag ik het bewijs hiervoor. Daar staat de (staf)organisatie weer in dienst van het primaire proces (medewerkers en klanten). En daar is in minder dan een jaar tijd beeldzorg ingevoerd en zijn al 700 klanten en hun mantelzorgers aangesloten. En waarom? De innovatie is van de medewerkers en klanten, niet van het management, de ICT-afdeling of de externe consultant. Goede en snelle implementatie van eHealth vereist veranderingen in organisatiemodellen. Rijnlandse principes passen daar erg goed bij.

beelschermzorg-verlenen-vanuit-het-wijkgebouwWat is daar voor nodig?
Wat betekent het als je jouw organisatie dienend maakt aan het primaire proces? Bij Sensire betekende dat werken met zelfstandige wijkteams van verpleegkundigen, 60 managers eruit (er zijn er nog maar drie over) of in een andere functie en daarvoor in de plaats 80 wijkverpleegkundigen erbij. Dat is nogal wat! Maar het levert ook heel veel op. Dit is het model dat Buurtzorg, dat vanuit Almelo heel Nederland heeft veroverd, al jaren spectaculaire groeicijfers, enorm tevreden medewerkers en zeer tevreden klanten oplevert. Buurtzorg kon echter vanuit niets beginnen en een compleet nieuwe organisatie neerzetten. Sensire heeft een bestaande organisatie flink moeten omvormen. Bestuurder Maarten van Rixtel zei letterlijk dat beeldzorg nooit zo snel zo ver had kunnen komen zonder deze organisatorische aanpassing.

Implementatietijd één jaar!
Waar vele organisaties in de val trappen van moeilijke technologie bedenken en uitrollen, heeft Sensire het anders aangepakt. Ze werken met eenvoudige, bestaande consumentenelektronica, de ideale ouderencomputer iPad, met zoveel mogelijk bestaande internetverbindingen en de web-app PAL4 van Focus Cura. Die maakt gebruik van FaceTime of Skype als het kan en van het beveiligde FaceTalk als het moet. Door FaceTalk is het bovendien mogelijk om bij de klant thuis te overleggen met huisartsen, specialisten en andere zorgverleners. Een centrale, bemand met wijkverpleegkundigen, is 24/7 beschikbaar om ook ’s nachts en in het weekend dringende vragen van klanten via een beeldverbinding te beantwoorden en eventueel actie te ondernemen. Achterhoek Connect zorgt er daarnaast voor dat de buurtslager jouw vlees thuis komt brengen en de bibliotheek jouw boeken als je met je been in het gips op de bank zit of anderszins minder mobiel bent.

Sensire heeft de punt aan de horizon inmiddels al weer veel verder gelegd. GGZ, welzijn en gemeentes (WMO) moeten er straks ook op. Zelf zou ik dan bijvoorbeeld ook UWV’s en Arbodiensten toevoegen. Dan heb je werkelijk alles rondom gezondheid, welzijn en werk onder handbereik.

Innovatie is van medewerker en klant
Een kritische succesfactor voor elke innovatie is het draagvlak bij de mensen die ermee moeten werken. Omdat Sensire medewerkers en klanten in de lead heeft gezet van deze innovatie – zij beslissen wat wel en niet handig is en wat er nog meer kan en moet – is dat draagvlak enorm groot. Maakte de oude beeldverbinding via TV en een joekel van een camera de klant nog een zielenpiet, nu vinden de kleinkinderen van menige Sensire-klant hun opa of oma reuze hip met die iPad. Onderzoek door Marian Adriaansen, lector van de Hogeschool Arnhem Nijmegen laat zien hoezeer beeldzorg mensen kan empoweren. 68 procent van de klanten denkt dat hij daardoor langer thuis kan blijven wonen, 64 procent voelt zich veiliger, van 47 procent is de zelfstandigheid toegenomen, ruim 51 procent voelt zich minder eenzaam. Want de iPad wordt ook gebruikt voor Skypen met familie en vrienden en voor andere leuke internetdingen zoals online spelletjes doen met anderen en YouTube-filpjes bekijken van de band van de zoon. En wel 70 procent van de klanten zegt dat zijn leven er aangenamer van is geworden!

Wie betaalt dat?
Beeldzorg word vanuit de AWBZ voor 4 uur per maand vergoed. Per 1 januari 2013 wordt het beeldconsult ook binnen DBC’s of DOT’s vergoed. De hardware wordt betaald vanuit de pot voor de zorginfrastructuur. Dus ook hier zit niets de uitrol van beeldzorg in de weg.

Organisatiemodel is ook innovatie
Sensire wil haar kennis en ervaring met beeldzorg heel graag delen met de rest van Nederland. Want behalve tevreden medewerkers en klanten en geld in het laadje, is het een manier om de (thuis)zorg toekomstbestendig te maken. Maarten van Rixtel en Focus Cura merken echter dat het ‘not invented here’ syndroom en de organisatievorm van vele organisaties behoorlijk in de weg zitten. “Men wil eerst businessplannen en zekerheid, maar innoveren betekent dat je gewoon in het diepe moet springen en moet vertrouwen op de collectieve denkkracht van je mensen”, verzuchtte Van Rixtel tijdens het symposium. Wellicht dat Sensire (net als Buurtzorg) ook zijn organisatiemodel (ook wel het Rijnlandse model genoemd) moet gaan exporteren. Want over zorgen voor bevlogen medewerkers en blije klanten zit er veel wijsheid in het Oosten.

Meer informatie over Rijnlands of Nieuw Europees organiseren vind je hier en hier. Uiteraard zijn er ook al andere instellingen hier mee bezig, onder andere via In voor zorg!, een programma voor de langdurige zorg van het ministerie van VWS en Vilans, kenniscentrum langdurende zorg.

Meer informatie over beeldzorg van Sensire vind je  hier (klik op de pijltjes op de foto’s voor filmpjes) of download de PDF.

Dit artikel is op 7 januari 2013 verschenen op DigitaleZorgGids.

©2013 Harriët Messing

 

Robin Youngson: Time to care! 4 november 2012

LET OP: vanaf circa medio november 2014 verkrijgbaar in Nederlandse vertaling via www.bsl.nl

Elke zorgverlener die tijdens een overvolle dienst al rennend ooit dacht ‘dit is niet het werk waar ik vol passie voor heb gekozen’,  raad ik het boek ‘TIME to CARE’ aan van de Nieuw-Zeelandse anesthesist Dr. Robin Youngson. In zijn boek combineert Youngson (wetenschappelijke) feiten, verhalen en observaties uit zijn eigen carrière en die van anderen. Hij biedt met veel compassie en inzicht een inkijk in een zorgsysteem dat over de hele wereld zowel patiënten als zorgverleners in de steek laat. Een vervreemdend systeem dat nog steeds draait om instellingen die dagelijks patiënten, artsen en verpleegkundigen hun menselijke waardigheid ontnemen. Youngson is keynote spreker op het congres van Compassion for Care op 29 en 30 november aanstaande.

In zijn betoog put Youngson onder andere uit de laatste inzichten op het gebied van de neurowetenschap en positieve psychologie en toont hij de kracht van  ‘appreciative inquiry’. In heldere en eenvoudige bewoordingen vertelt hij hoe zorgverleners hun harten kunnen sterken, de vaardigheden van zorg met compassie kunnen leren en boven de beperkingen van instellingen uit kunnen stijgen om patiëntenzorg te transformeren en hun roeping te hervinden.

De hele persoon
Youngson is ingenieur en arts en heeft altijd gestreden voor zorg met compassie en betere patiëntenuitkomsten. Gedurende zijn carrière zag hij steeds opnieuw hoe de traditionele medische praktijk weigerde de wetenschappelijke bewijzen en het belang in te zien van zorg voor de gehele persoon. Hedendaagse klinische studies tonen aan dat het placebo-effect van wat de arts of zorgverlener zegt tegen een patiënt vaak effectiever is dan vele medicijnen en chirurgische ingrepen. En dat er echt zoiets bestaat als helende handen. En dat het welzijn van de zorgprofessionals onlosmakelijk verbonden is met dat van hun patiënten. De kracht van ‘TIME to CARE’, dat uitvoerige research en referenties bevat, ligt in de vaardige verweving van menselijke verhalen met de laatste wetenschappelijke inzichten.

Youngson is op zijn best als ik in de eerste persoon vertelt hoe hij zelf van een afstandelijke ziekenhuisspecialist veranderde in een voorvechter van zorg met compassie en aandacht voor de hele persoon: soms scherp, soms grappig, maar altijd ongelooflijke eerlijk.

Carrière
Youngson heeft in vele ziekenhuizen in het Verenigd Koninkrijke en Nieuw-Zeeland gewerkt. Daarnaast was hij adviseur van het Nieuw-Zeelandse Ministerie van Gezondheid en de Nieuw-Zeelandse afgevaardigde in de Internationale Stuurgroep voor Patiëntveiligheidsoplossingen van de WHO. In 2006 is hij gestopt de cultuur van binnenuit te veranderen en werd hij een veelgevraagde spreker in het internationale sprekerscircuit over zorg met compassie en aandacht voor de hel persoon. Dit jaar startte hij de internationale HEARTS in HEALTHCARE beweging om over de hele wereld dappere zorgverleners te ondersteunen die een verschil maken.

Aanrader
Hoewel het boek gericht is op zorgverleners, is TIME to CARE een aanrader voor bijvoorbeeld zorgstudenten, patiëntenorganisaties, leiders en management in de zorg, zorgopleiders en iedereen die de menselijke maat terug wil in de gezondheidszorg.

Titel: TIME to CARE – How to love your patients and your job
Auteur: Dr Robin Youngson
Verkrijgbaar: als download op timetocare.com en als paperback op Amazon.com.

LET OP: vanaf circa medio november 2014 verkrijgbaar in Nederlandse vertaling via www.bsl.nl

©2012 Harriët Messing

 

 
%d bloggers liken dit: