ZORGdotCOM

Communicatieadvies + Tekst

Internet emancipeert de patiënt 23 februari 2011

Weet u wat e-health is of zorg 2.0? Misschien hebt u er ergens al over gelezen. Of zijn de termen geheel nieuw voor u? Lucien Engelen, Zorg 2.0 ambassadeur van het UMC St Radboud in Nijmegen, legt uit waarom deze ontwikkeling in de zorg voor u als patiënt belangrijk is. Want u zult er in de komende tijd zeker mee te maken krijgen, als dat nu al niet het geval is. Engelen: “Zorg 2.0 gaat de relatie tussen patiënt en zorgverlener gelijkwaardiger maken”.

Lucien Engelen

“Internettechnologie geeft patiënten de mogelijkheid om veel betere keuzes voor hun gezondheid te maken”, stelt Engelen. “Van hoe voorkom ik dat ik ziek word tot welke arts en welke behandeling is het beste voor mij. Internet biedt kennis en kennis is macht. Het emancipeert de patiënt. Hij kan gelijkwaardiger meepraten over zijn ziekte en behandeling. Maar het biedt nog veel meer. Web 1.0 is de term voor websites die vooral een digitale folder zijn. Daar zijn er nog heel veel van in de zorg. Web 2.0 staat voor interactie. Het staat voor informatie, kennis en ervaringen delen. Voorbeelden daarvan zijn patiëntenforums voor lotgenotencontact als die op de website van het NLV. Maar ook op de sociale media, zoals Twitter, Hyves en Facebook, spreken mensen elkaar en wisselen informatie uit. Zorg 2.0 is web 2.0 in de zorg. Het gaat bij Zorg 2.0  niet alleen om online contacten tussen patiënten, maar vooral ook om interactie tussen patiënt en zorgverlener.”

Dokter Google

“Steeds meer mensen gaan eerst op internet op zoek naar informatie over hun ziekte” vertelt Engelen. “In 2003 was dat volgens TNS Nipo nog maar één op de tien mensen, in 2008 al zeven op de tien. De hoeveelheid informatie op internet is gigantisch. De herkomst ervan is heel divers. Je kunt terechtkomen op de site van een patiëntenorganisatie, op ‘onafhankelijke’ gezondheidssites, op de site van een ziekenhuis, op een weblog, noem maar op. De NPCF meldde vorig jaar dat 24 procent van de mensen al gebruik maakt van vergelijkingssites als ZorgKaartNederland.nl om een arts of ziekenhuis te kiezen. Drie op de vijf patiënten wisselen wel eens online informatie uit over ziekte en gezondheid. Eén op de zeven patiënten publiceert online over zijn eigen ziekteproces of medicijngebruik. Zo helpen ze anderen om beter voorbereid bij de dokter te komen.”

Digitale poli's

Patiënt emancipeert

Veel zorgverleners hebben nog moeite met patiënten die zelf aan de slag gaan op internet. En dat patiënten elkaar gaan ‘bedokteren’. Kan de patiënt met vage klachten wel de juiste weg vinden in het oerwoud aan informatie op internet? En hoe betrouwbaar is de gevonden informatie. Wat als iemand de juiste diagnose of behandeling mist? Veel sites van zorginstellingen en patiëntenverenigingen zijn hier ook nog niet op ingericht. Zorgverleners vinden eigenlijk dat de patiënt daar niet zelf over gaat. “Maar ze steken hun kop in het zand” vindt Engelen. “Want internet en sociale media zorgen er op allerlei plekken in de samenleving voor dat de ‘burger’ emancipeert en goede, eerlijke informatie eist. Kijk maar naar WikiLeaks. Daar kun je als zorgverlener en zorginstelling maar beter op anticiperen. Je foldermateriaal digitaal aanbieden is niet meer genoeg. Bovendien is dat materiaal vaak niet bepaald geschreven vanuit het patiëntenperspectief.”

Participatie

Het UMC St Radboud is het eerste ziekenhuis in Nederland dat vroegtijdig heeft ingezien dat internet de relatie tussen zorgverleners en patiënten gaat veranderen. “Als ik moet spreken over Zorg 2.0 namens het Radboud schrikt de zaal meestal even”, vertelt Engelen, “als ik vertel dat het Radboud is gestopt de patiënt centraal te stellen. Dan zie je mensen elkaar even bevreemd aankijken. Want we moeten toch met zijn allen patiëntgericht gaan werken? Ik leg dan uit dat dit model nog steeds uitgaat van dat de zorgverlener weet wat goed is voor de patiënt. Dan vertel ik dat we in het Radboud verder willen gaan. Dat we ‘de patiënt gaan opnemen in het behandelteam’ als een partner dus. De patiënt is ‘eigenaar’ van zijn gezondheid en ziekte en heeft dus ook en rol bij het maken van keuzes in het behandelplan. Dat noem je met een mooi woord patiëntenparticipatie of ‘participatory medicine’. De arts is dan niet meer de alwetende expert, maar een deskundige adviseur en coach, een gids dus.”

AYA4: digitale hangplek voor jongvolwassenen met kanker

Digitale poli’s en zorgnetwerken

De nieuwe patiënt wil als individu gezien worden en niet als diabetes- of longkankerpatiënt. Hij wil dialoog: “praat met me, ook online!” Door zijn eigen verhaal online te vertellen komt hij in contact met anderen die hem en zijn arts kunnen helpen. Bijvoorbeeld aan de naam van een specialist die even meekijkt en adviseert. Of aan tips over aanvullende zorg die de therapie kan ondersteunen. Zo ontstaat een zorgnetwerk dat per patiënt en per behandelfase kan veranderen. Maar de patiënt wil ook inzicht in zijn eigen dossier! Engelen: “Wij bieden onze patiënten al tien digitale poli’s. Dat worden er dit jaar nog meer. Dit zijn online plekken waar patiënten hun eigen dossier kunnen inzien, inclusief uitslagen. Waar ze informatie vinden over hun ziekte. Waar ze binnenkort afspraken kunnen maken en checken. Waar ze online contact kunnen hebben met hun zorgverlener. Waar ze online contact kunnen hebben met medepatiënten. En daar zullen nog veel meer diensten bijkomen. Bijvoorbeeld teleconsults. Ook hebben we een digitale hangplek voor jongvolwassenen met kanker (aya4.umcn.nl). Daar kunnen ze elkaar ontmoeten en ervaringen uitwisselen. Van ziekte en behandeling tot het vinden van verzekeringen en hypotheken. MijnZorgNet.nl is een voorbeeld van een zorgnetwerk waar zorgverleners, patiënten en mantelzorgers elkaar vinden. Het bedient nu IVF-patiënten en mensen met Parkinson.

Preventie is toekomst

“Om de kosten van de zorg beheersbaar te houden moeten we internet ook heel goed in gaan zetten voor ziektepreventie” vindt Engelen. “Nu al kun je op internet bijvoorbeeld cursussen vinden om depressie vroegtijdig te behandelen of zelfs te voorkomen. Maar het gaat nog verder. We zullen beter moeten onderzoeken hoe we mensen kunnen helpen betere keuzes te maken om langer gezond te blijven. Een interessant boek daarover is: ‘The decision tree’ van Thomas Goetz. De overheid zegt al die kant op te willen. Lees bijvoorbeeld het rapport van de RVZ ‘Van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag’ en ‘Perspectief op gezondheid 20/20‘. Maar we besteden momenteel nog geen procent van het zorgbudget aan preventie. Dat zal moeten veranderen. We moeten ook snel naar Preventie 2.0.”

E-health uitgelegd

E-health is niet alleen het gebruik van internet- en communicatietechnieken in de zorg om bepaalde processen tussen zorgverlener en zorggebruiker eenvoudiger, sneller en goedkoper te maken. Het is ook een manier van denken over zorg, waarbij gemak, service en gezondheidsbevordering voorop staan. Vormen van e-health zijn:

  • Telemedicine is zorg op afstand. De patiënt kan vanuit huis communiceren met zijn zorgverlener. Dan kan het ook gaan om het online doorsturen van bijvoorbeeld bloedwaarden. Die kan de zorgverlener dan vanachter zijn computer inzien en waar nodig ingrijpen. Maar ook wordt het gebruikt voor consultatie tussen artsen onderling. Bijvoorbeeld bij teledermatologie. Dan stuurt de huisarts een foto van de aangedane huid naar de dermatoloog en krijgt van hem via internet een diagnose en behandelplan.
  • Telehealth gaat vooral over gezondheidsvoorlichting aan zorggebruikers en training van zorgverleners. Dan kun je bijvoorbeeld denken aan online cursussen tegen depressie of overgewicht.
  • M-health is de term voor de recente ontwikkeling in mobiel internet waarbij programmaatjes of  ‘apps’ op de smartphone worden ingezet voor monitoring, begeleiding of gezondheidsbevordering. Bijvoorbeeld een programma dat autistische kinderen begeleidt om zelf hun dagprogramma te kunnen volgen. Of een ‘app’ die je waarschuwt als je medicijnen moet innemen.

Dit interview staat in het maartnummer van NL-Visie, het ledenblad van de Nederlandse Leverpatiënten Vereniging.

© 2011 Harriët Messing

Advertenties
 

Betere chronische zorg met ZorgVerband 24 november 2010

Soms is de serendipiteit niet van de lucht! Onlangs schreven twee medewerkers van de RVZ op persoonlijke titel in Medisch Contact dat het Personal Health Record (PHR) een onmisbaar instrument is bij patiëntenparticipatie. Iets later verscheen een rapport van de Rekenkamer dat zorgverleners veel beter moeten samenwerken en communiceren om de zorg voor chronisch zieken te verbeteren. Tijdens het ZIP-café afgelopen week, maakte ik kennis met de mensen achter ZorgVerband. Zij ontwikkelden op basis van casuïstiek van CVA-patiënten een innovatief softwaresysteem dat de communicatie tussen alle zorgverleners rondom een chronisch zieke of oudere ondersteunt. Patiënten kunnen hierdoor langer thuis blijven wonen of na een opname sneller naar huis.

Een vrouw van 38 vertelde nadat zij een CVA had gekregen: “In het eerste jaar word je in een revalidatie­centrum overspoeld met allemaal hulp, door psychologen, maatschappelijk werkers et cetera. Dan ben je daar klaar en dan houdt het in­eens op terwijl je in de loop der jaren tegen heel veel dingen aan loopt. Je denkt dat het voorbij is maar dat is dus niet zo.” Zodra een patiënt naar huis gaat activeert ZorgVerband het sociale en medische netwerk rondom een patiënt of oudere. De patiënt of oudere (of diens verzorger) behoudt de regie en bepaalt wie meedoet en wie welke informatie mag inzien. Iedereen kan zijn observaties of instructies in het systeem zetten, van specialist tot mantelzorger, van fysiotherapeut tot buurman of vriend.

n ouderen in de thuissituatie

ZorgVerband ondersteunt de communicatie tussen alle menselijke en technologische schakels in de zorg rondom chronisch zieken e

Alle schakels samen

Alle schakels aan de zorgketen kunnen in het systeem deelnemen. Bijvoorbeeld ook de trombosedienst, een diabetesverpleegkundige of een zorgverlener die psychosociale ondersteuning verleent. Bloedwaarden, bloeddruk of andere metingen gaan direct van de thuismeetapparatuur naar het PHR in het systeem. Bij afwijkingen in de metingen gaat automatisch een signaal naar de verantwoordelijke behandelaar. Ook niet tijdig ingevoerde metingen leveren een alarm op. Dit systeem is dus meer dan een statisch dossier met medische gegevens zoals het EPD. Het bevat uittreksels uit het EPD van behandelaars, behandelinstructies, waarnemingen en berichtenverkeer tussen alle deelnemers.

Eigen regie en zelfstandigheid

Ook andere technologische schakels als valdetectie en andere domotica hebben een plek. Het blijkt dat patiënten vaak angstig zijn thuis omdat ze bang zijn te vallen of opnieuw een CVA te krijgen. Doorlopende detectie kan deze angst wegnemen, omdat er bij acute situaties direct gealarmeerd wordt en snel ingegrepen kan worden. Verder biedt het systeem oplossingen voor de patiënt om alledaagse dingen zelfstandig te kunnen blijven doen. Bijvoorbeeld op afstand openen van deuren, openen en sluiten van zonneschermen en telefoneren met beeldschermcontact. Een man van 79 vertelde: “Ik wil graag kunnen telefoneren zon­der dat mijn vrouw hierbij helpt. Het zijn zulke kleine knopjes. Verstaan kan ik het wel goed door de luidspreker. Daar zit een knopje op dat mijn vrouw indrukt. Ook wil ik graag beneden de deur open kunnen doen. Nu doet mijn vrouw dat altijd in de gang”. Daarom werkt ZorgVerband met gebruiksvriendelijke interfaces, zoals touch screens voor digibeten en met iPads en smart phones.

Zorg op maat, minder zorgkosten

Groot voordeel van ZorgVerband is dat de patiënt zelf regie kan voeren en hierdoor in zijn eigen kracht wordt gezet. Dit bevordert eigen verantwoordelijkheid en herstel. Inschakelen van zorgverleners gebeurt pas als het nodig is. Problemen worden zo laag mogelijk in de keten opgelost. Er zijn minder controlebezoeken nodig. Al met al levert het systeem betere zorg door betere communicatie, zorg op maat en ook belangrijk: kostenbesparingen. Volgens de business case is een besparing van 10 tot 20 procent op de chronische zorg haalbaar. Maar bij alles staat de menselijke maat voorop!

De ontwikkelaars

ZorgVerband is het resultaat van een project van de Hogeschool Zeeland, MKB-ondernemingen en zorginstellingen: Stichting Werkt voor Ouderen (SWvO) en Stichting Revalidatiegeneeskunde Zeeland (RGZ). Het voegt menselijke en technologische waarnemers samen in één intelligent systeem. Bij de ontwikkeling is het uitgetest bij CVA-patiënten. Maar het is na doorontwikkeling straks ook geschikt voor andere (chronische) zorg die vraagt om samenwerking van meerdere zorgverleners. Ook binnen de jeugdzorg kan het systeem een oplossing bieden. Meer informatie over de ontwikkeling vindt u in dit artikel in ICT-zorg afgelopen maand.

Oproep: ontwikkel mee!

ZorgVerband is nu op zoek naar zorginstellingen en patiëntenverenigingen die willen meewerken om dit systeem verder te ontwikkelen voor andere chronische aandoeningen. In de ontwikkeling staan steeds de behoeften en eisen van patiënten met een specifieke zorgvraag centraal. Voor meer informatie kunt u kijken op www.zorgverband.nl of neemt u contact op met: Hans de Bruin – hans@zorgverband.nl.

© 2010 Harriët Messing

 

Zorg op eigen kracht heeft de toekomst 19 november 2010

Veel enthousiasme en inspiratie was voelbaar tijdens de bijeenkomst ‘Eigen Kracht en Liefde in de gezondheidszorg’ van Zorginspiratie Nederland (ZiN). ZiN wil duurzame en menslievende zorg bevorderen. Het thema van de avond ging over manieren waarop individuen, families met hun sociale omgeving de kracht kunnen ontwikkelen om zichzelf te herstellen of hernemen. Tijdens de bijeenkomst lieten zeven sprekers zien hoe zij in hun eigen werkveld concreet invulling geven aan dit thema. De menselijke maat in de zorg blijkt niet alleen goed voor hulpvragers. Door hen te versterken tot het nemen van eigen regie blijkt ook dat er minder formele zorg nodig is. Dit lijkt dus dé weg naar een toekomstbestendig en betaalbaar Nederlands zorgsysteem.

Rob van Pagée sprak namens de Eigen Kracht Centrale. Rob is advocaat voor eigen regie van burgers: “De eigenaar van het probleem bezit ook de oplossing. Iedereen heeft een sociaal netwerk van gemiddeld 28 personen. Dat moet je activeren. De hoofdpersoon nodigt dit netwerk uit op een ‘Eigen Kracht Conferentie’. Samen met hen bedenkt hij wat hij precies aan hulp nodig heeft en hoe dat georganiseerd kan worden. Dan blijkt dat 80 procent van de hulp uit zijn eigen netwerk kan komen en slechts 20 procent nodig is aan begeleiding vanuit overheid en/of hulpverlening. De hulpverlener neemt de burger dus niet meer bij de hand en helpt. Hij faciliteert slechts. Dat betekent dat hulpverleners de macht uit handen moeten geven en dat vinden ze heel moeilijk. Het belangrijkste dat de formele zorg en hulpverlening kan doen is dit proces vertrouwen en de ruimte geven.

HerstelCoach

Sabine Smits van Kenniscentrum Zelfhulp en Ervaringsdeskundigheid (KZE) vertelde over hoe zij emancipatie, zelfzorg en eigen kracht van burgers bevorderen door middel van het inzetten van ervaringsdeskundigen. Ervaringsdeskundigheid betekent dat een patiënt voldoende is hersteld is en met zijn problemen kan omgaan. Het verhaal van ervaringsdeskundige Huib Kooijman was zeer aansprekend. Huib worstelt al een leven lang met psychose en verslaving. Als ‘Herstelcoach’ voor anderen kan hij zichzelf helpen door anderen te helpen. Hij leerde te vertellen over zijn ervaringen en kreeg daarmee ook meer inzicht in zijn eigen ziektebeeld. Bij gesprekken worden ‘Herstelkaartjes’ gebruikt om de dialoog op gang te brengen. Het was voor Huib een verademing om weer zelf aan het roer te staan. De methode zet de cliënt in zijn eigen kracht, geeft weer hoop en bevordert zelfvertrouwen.

Hippokrates: 'Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen.'

Planetree

Ruth Heil en Pia Velema van Zorggroep Almere vertelden hoe binnen hun organisatie de holistische methode van Planetree inspireert om de mens centraal te stellen. Dit betekent dat naast de medische, verpleegkundige en lichamelijke verzorging het welzijn en welbevinden van de cliënt centraal staan. Planetree is een leidraad voor kleinschalige zorg in een respectvolle en gastvrije omgeving. Het logo van Planetree is een plataan, de boom waaronder Hippocrates les gaf. Hij stelde twee millennia geleden al dat het verhaal van de patiënt leidend moet zijn. We schreven op deze site al eerder over Planetree als methode om de ervaringen van klanten te managen. Behalve tevreden klanten blijkt de methode in de praktijk van één van de gezondheidscentra van Zorggroep Almere ook tot minder hulpvragen te leiden. Het gevolg van het versterken van eigen kracht en regie.

Windroos Toolbox

Jongeren met psychoseproblematiek vallen in Nederland vaak tussen wal en schip. Verder dan naar huis sturen met een pot medicijnen komt de hulpverlening niet. Corry Punch van De Windroos vertelde hoe een groep ouders zelf aan de slag is gegaan met een integrale aanpak voor rehabilitatie en herstel. Deze zet de jongeren weer in hun eigen kracht en sluit aan bij hun eigen mogelijkheden en toekomstwensen. Veel jongeren gaan daarna gewoon naar school en/of aan het werk. Sommigen functioneren prima met een aangepast programma. De gecertificeerde aanpak van de Windroos – door het Trimbos Instituut aangemerkt als best practice – kan nu eenvoudig elders in Nederland ingezet gaan worden voor deze groep. De Windroos heeft ‘De Toolbox: gereedschap voor herstel’ ontwikkeld. Die bevat praktisch gereedschap voor jongeren en hun begeleiders in de vorm van samenhangende educatieve modules. Hiermee kunnen jongeren hun competenties ontwikkelen om weer aan te kunnen sluiten bij het gewone leven.

Familiezorg

Familiezorg-team

Ellen Willemse en Klaartje van Montfort van het Expertisecentrum Familiezorg vertelden over het grote belang van openhartige communicatie tussen familie en hulpverleners. Met hun Methode Familiezorg zetten zij families weer in hun eigen kracht. Als voorbeeld namen ze een familie waar de moeder een CVA had gehad. Toen zij weer thuis kwam, ging het snel bergafwaarts met het gezin. De dochters ontspoorden, de vader kwam met een burnout thuis te zitten. Op het hoogtepunt waren er meer dan acht verschillende hulpverleners bij de individuele leden van het gezin betrokken. Familiezorg was de eerste die vanuit het gezinssysteem keek. De familie leerde elkaar hun emoties te tonen en te bespreken. Er kwam een gezinsagenda. De gezinshiërarchie, normen en waarden en waardering voor elkaar werden weer in ere hersteld. Hierdoor werd het gezin weer in eigen kracht gezet en konden zij zelfstandig verder. Deze methode kan het best proactief ingezet worden in mantelzorgsituaties.

Cure + complementair

Karlien Bongers

Karlien Bongers van het Nationaal Informatie en Kenniscentrum Intergrative Medicine (NIKIM) is mammachirurg. Integrative Medicine (IM) is een zorgvisie die uitgaat van gezondheid, mogelijkheden en welbevinden. Buiten Europa is het vaak heel normaal om complementaire zorg in ziekenhuizen aan te bieden. Vooral Nederland is in dit opzicht extreem behoudend. In haar praktijk als chirurg merkte ze dat er in de Nederlandse borstkankerzorg geen ruimte was voor een holistische aanpak. Daarom is zij gestopt als chirurg. Nu helpt ze via haar Adviespraktijk Borstkanker patiënten de weg te vinden in de curatieve zorg en biedt ze daarnaast evidence based complementaire zorg. Karlien vindt het belangrijk de patiënt in zijn eigen kracht te zetten. De arts is daarbij een coach. De kracht komt als je beseft dat je ook zelf iets kunt doen. Als voorbeelden van complementaire methodes noemde Karlien gember bij misselijkheid, calendulazalf voor sneller huidherstel na bestraling, yoga, acupunctuur en fysiotherapie.

Angst belemmert innovatie

Tijdens de plenaire nabespreking kwam veel energie los. Bijvoorbeeld toen een deelnemer vertelde hoe hij als anesthesiemedewerker is begonnen met het inzetten van muziek om patiënten te helpen zich te ontspannen voor een operatie. Hij gaf het voorbeeld van een extreem angstige vrouw die maar bleef huilen. Pas toen ze de eerste klanken van de muziek hoorde die ook op de bruiloften van haar kinderen was gespeeld, kon zij zich ontspannen. En hoe hij heel langzaam collega’s en artsen enthousiaster ziet worden over deze aanpak. “Maar alleen als je ze één-op-één spreekt. Want in de groep of het maatschap durven ze dit niet toe te geven.” Starre interne structuren en angst voor afkeuring vanuit de groep lijken dit soort vernieuwingen en verbeteringen in de weg te zitten. Een van de deelnemers zei dat medewerkers in de zorg zich wel wat ondeugender op mogen stellen. Dus niet altijd de regels volgen als wat jij doet bijdraagt aan het welzijn van je patiënt. “Ga desnoods op je hoofd staan als dat mensen wakker schudt en in beweging zet!”

Doe mee aan ZiN

De avond werd afgesloten met een korte brainstorm over hoe de olievlek van ZiN vergroot kan worden. Daar kwamen vele praktische ideeën over naar voren. Het verslag van deze bijeenkomst dat u nu leest is daar één van. ZiN nodigt u bovendien van harte uit om het netwerk te versterken op www.zorginspiratie.nl of op LinkedIn. Dan bent u verzekerd van tijdig bericht over de bijeenkomsten in 2011.

© 2010 Harriët Messing

 

Kunst als inspiratie voor medische ethiek 15 november 2010

Witte doktersjas als iconisch beeld

Kan beeldende kunst bijdragen aan medisch ethische discussies? De Finse in Nederland woonachtige kunstenares Kaisu Koski vindt van wel. Met haar aankomende onderzoek gaat ze de beeldtaal onderzoeken die bijvoorbeeld wordt gebruikt in trainingsvideo’s voor geneeskundestudenten. Beeld is immers een krachtig medium dat door herhaling kan leiden tot inprenting. “Interessant is hoe de lichamen van arts en patiënt worden verbeeld. En wat studenten in hun opleiding meekrijgen over hoe die eruit zien.”

“Ik wil onderzoeken hoe wij onze lichamen en gezondheid ervaren en hoe dat verandert onder invloed van de medische wetenschap, vertelt Koski. “Ik ben gefascineerd door de specifieke esthetiek die rondom het lichaam in de medische wereld speelt. Maar ik herken ook de angst voor ziekte en lijden. Ook ben ik erg geïnteresseerd in de relatie arts-patiënt. In Finland ben ik gewend aan de arts als expert. Hij vertelt mij wat ik moet doen. Toen ik in Nederland voor het eerst bij de huisarts kwam, vroeg zij mij wat ik van haar verwachtte. Dat was volkomen nieuw en ik wist dus ook niets te antwoorden.”

Uitdagen en inspireren

“Neem bijvoorbeeld de witte doktersjas, zegt Koski. Dat is een heel krachtig en interessant iconisch beeld. Met mijn werk heb ik gevraagd hoe dat de interactie tussen arts en patiënt beïnvloedt.” Koski wil met haar perspectief het denkkader binnen de medische ethiek uitdagen. “Ik wil niet preken of ideologie bedrijven. Ik wil inspireren om op andere manieren te kijken en daardoor wellicht op nieuwe ideeën te komen.”

Achtergrond

Kaisu Koski (1975) promoveerde in 2007 aan de Faculty of Arts & Design van de Universiteit van Lapland. Ze woont en werkt al acht jaar in Nederland. Ze geeft onder andere lezingen voor medisch studenten van het UMC Utrecht. Die lezingen gaan over hoe zij als kunstenaar ethische onderwerpen benadert die belangrijk zijn voor het medische vak. Dat levert vaak boeiende discussies op. Ze heeft onlangs van de Universiteit van Lapland een 3-jarig positie als ‘postdoc’-onderzoeker gekregen. Haar onderzoek zal ze voornamelijk doen aan The Arts & Genomics Centre van de Rijksuniversiteit Leiden.

Kaisu Koski, Localglobal anesthetics II-2

Kunst en wetenschap

Koski: “In Nederland zijn opleidingen voor beeldende kunst volledig gescheiden van de academische wereld. In Finland is beeldende kunst een universitaire studie. Ik ben dus ook gewend om kunstpraktijk en wetenschappelijk onderzoek te combineren. En om wetenschappelijke teksten te lezen en te schrijven. Dat maakt de gesprekken met mensen uit het medische vakgebied vaak gemakkelijker. Buiten Nederland zijn er interessante ontwikkelingen om kunst en medische opleidingen in dialoog te brengen. In Engeland krijgen artsen bijvoorbeeld als vast onderdeel van hun curriculum les van theatergroep Clod Ensemble. Zij leren hen hoe je in de interactie met de patiënt lichaamstaal en stem effectief voor je communicatie in kunt zetten. Ik wil voor mijn onderzoek college gaan lopen aan de medische faculteit om nog meer gevoel te krijgen bij het onderwerp. Maar in plaats van onderzoeksresultaten in een dik rapport, publiceer ik mijn wetenschappelijke resultaten in beeldende kunst. Ik gebruik daarvoor onder andere fotografie en video-installaties.”

Kaisu Koski, Localglobal anesthetics

Expositie ‘Pharmakon’

Kennis maken met het werk van Kaisu Koski? Zij exposeert van 9 december tot en met 9 januari in het Centrum Beeldende Kunsten Utrecht (CBKU). In haar tentoonstelling ‘Pharmakon’ toont zij haar onverwachte perspectieven op de relatie tussen lichaam en medicijn en de rol van rituelen en geloof in medicijngebruik. Zij combineert hierbij een wetenschappelijke en documentaire stijl met poëtisch en persoonlijke verbeelding in mixed media installaties.

CBKU, Plompetorengracht 4, Utrecht. Voor meer informatie: www.cbk-utrecht.nl. De toegang is gratis.

Meer informatie over Kaisu Koski vindt u ook op www.livingorganism.org

© 2010 Harriët Messing

 

Betere ouderenzorg: branche moet het nog zien 11 oktober 2010

De nieuwe coalitie zet in op het verbeteren van de ouderenzorg volgens het concept regeerakkoord. Voor de langdurige zorg trekt het aanstaande kabinet 750 miljoen euro uit. Ook moeten er 12.000 extra medewerkers bij. Werkgevers verenigd in ActiZ en werknemers verenigd in V&VN zijn op hoofdlijnen tevreden met het akkoord. Hoe dat extra personeel er moet komen daarover verschillen ze van mening. Ik sprak over de plannen met Marco Wisse, directeur van Expertisecentrum Naarderheem in Naarden, onderdeel van de Gooise Vivium Zorggroep.

Marco Wisse, directeur Expertisecentrum Naarderheem

ActiZ is vooral tevreden over de keuzes voor scheiding van wonen en zorg en voor vermindering van de administratieve lasten. “Ik ben blij dat na al die jaren van tariefskortingen, politici nu tot het inzicht zijn gekomen dat kaasschaven niet ten goede komt aan de kwaliteit van de zorg,” zegt ActiZ directeur Aad Koster over het extra budget op de eigen website. “Met dat geld kunnen de zorgzwaartepakketten (ZZP’s) op een ruimere manier worden ingevuld. Met meer handen aan het bed.” Volgens woordvoerder Pauline Fuhri van ActiZ op Zorg + Welzijn moet een belangrijk deel van die 750 miljoen euro worden besteed aan preventie. “Dat betekent: investeren in technologie, innovatie, en mantelzorg.”

Achterban kritischer

Het extra budget weegt niet op tegen de bezuinigingen en maatregelen die voor dit jaar zijn aangekondigd, is de reactie die je overal in het land van branchegenoten van Wisse hoort. Meer handen aan het bed gaat het volgens hen niet opleveren. “Door dit akkoord komt er niet meer tijd per patiënt beschikbaar”, zegt Wisse. Het geld onder de streep voor elk zorgzwaartepakket blijft onder druk staan. En wat het gaat betekenen dat de uitvoering van de AWBZ naar de zorgverzekeraars gaat, en of dat meer geld per ZZP gaat opleveren, is een hele grote vraag. Even de huidige praktijk. Stel je hebt als patiënt 18 uur zorg per week in je pakket. Daar gaat dan al zoveel af door wettelijke eisen voor personele bezetting en door steeds weer nieuwe eisen van de inspectie, dat er maar 45 minuten overblijven voor de echte verzorging: verplegen, wassen, aankleden, praatje maken et cetera.”

Micromanagement overheid

Wisse: “Er wordt zoveel van bovenaf opgelegd en geregeld dat we aan ons echte werk nauwelijks meer toekomen. Ook in andere branches zijn beloftes over minder regeldruk gedaan en nooit waargemaakt. Ik moet het nog zien of Den Haag op kan houden met micromanagen. Een goed voorbeeld is ondervoeding. Een tijd geleden heeft iemand gepubliceerd dat ondervoeding een groot probleem is in verpleeghuizen. Het verhaal was totaal niet wetenschappelijk onderbouwd. Maar van de inspectie moeten we sindsdien elke maand elke bewoner wegen. Dat betekent dus dat je mensen die al heel erg in de war zijn, in een soort grote hangmat moet leggen en optakelen. Daarvan zijn ze verder de hele dag van slag. En het komt bovenop de werkdruk die er al is. Dus gaat het ten koste van de tijd die je hebt voor persoonlijke aandacht.”

Voor elk wat wils, ook in het restaurant

Overheid stelt klant niet centraal

“Waarom ik daar zo somber over ben is omdat ze minder regeldruk beloven en dan tegelijkertijd komen met het plan voor een wet op douchebeurten en buitenlucht”, vervolgt Wisse. “De politiek bepaalt ook straks weer van bovenaf wat goed is. Wat de patiënt wil, doet er weer niet toe. Wij maken met patiënten zorgleefplannen. Daarin mogen ze zelf kiezen hoe vaak ze willen douchen en naar buiten willen. Want elke patiënt is anders. De overheid propageert dat klanten keus moeten hebben, maar beperkt vervolgens zelf die keus op microniveau. Die bemoeizucht is wat het werk zo zwaar maakt voor onze medewerkers. Bij elke nieuwe regel moeten wij van andere taken weer tijd afsnoepen. Stopwatch erbij. En dan krijg je dus toestanden zoals laatst in Amsterdam. Ik snap heel goed dat personeel daar aan de bel trekt. Dat had bij ons ook kunnen gebeuren. Alleen hebben wij hier beter kunnen uitleggen dat het management dat ook niet wil, dat er gewoon weer door maatregelen van de overheid minder geld beschikbaar is. Maar dat maakt het niet leuker voor het personeel.”

Zorgen over vinden personeel

Wisse komt uit een lange lijn van verpleegkundigen. “Mijn opa was verpleegkundige, mijn vader was verpleegkundige en ik ben ook als verpleegkundige in de zorg gestart. Ik heb dus zicht op een hele lange periode en heb het vak steeds professioneler zien worden. Als ik minister van VWS zou zijn, dan zou ik vooral heel veel aandacht hebben voor het personeel in de zorg. Vroeger was je er trots op om in de zorg te werken. Nu is het bijna zo ver dat ons personeel op feestjes maar niet meer vertelt waar het werkt. Hoe moet je dan nog 12.000 mensen extra gaan krijgen. We hebben nu al personeelstekorten door het imago van de zorg en de werkdruk. We doen hier heel erg ons best om ook de jonge generatie te interesseren voor dit werk. Die hebben een speciale aanpak nodig, want ze hebben een hele andere kijk op leren en werken. We doen momenteel een pilotproject met een leerafdeling. Daar mogen studenten onder begeleiding van ervaren verpleegkundigen met veel eigen verantwoordelijkheid zelf een afdeling draaien. De nieuwe generatie ‘screenagers’ wil niet meer leren in de opzet van meester-gezel. Zij willen meteen verantwoordelijkheid en ‘just-in-time learning’. Ook onderzoeken we nu al hoe deze mensen kijken naar arbeid en arbeidsvoorwaarden. Daar gaat mijn MBA-thesis over.”

Bewoners VVT waarderen branche met een 8 gemiddeld

Imago

Maar alles staat en valt bij dat werk in de zorg weer gewaardeerd moet worden” vindt Wisse. Door overheid en door de maatschappij. De mensen die wij in onze branche verzorgen en verplegen waarderen ons in de laatste benchmark van Actiz met een 8. Toch is dat niet het beeld van de gemiddelde Nederlander Het is zuur dat er in de media alleen over je gepraat wordt op het niveau van negatieve incidenten, zonder enige diepgang en achtergrond. Dat draagt ook heel erg bij aan een onterecht negatief imago. Het overgrote deel van de instellingen in Nederland doet het gewoon goed.”

Plaats voor grote en kleine aanbieders

De nieuwe coalitie is tegen te grote zorgaanbieders en wil desnoods gedwongen gaan splitsen. ActiZ stelt dat de aanname niet klopt dat kleinschalige zorg alleen door kleine instellingen kan worden verzorgd. De eigen benchmark toont aan dat grote instellingen die zorg ook prima kunnen leveren. Wisse is het daar mee eens. “Bij Vivium kunnen we door onze schaalgrootte inspelen op voor elk wat wils. De één wil privacy en een eigen kamer, de ander geeft de voorkeur aan samen op een kamer of in een groep te wonen. De één wil in een omgeving waar alle lagen van de samenleving bij elkaar wonen en de ander wil omringd worden door de eigen bekende groep. Je ziet dus ook dat familie van onze bewoners eerst een rondje langs alle locaties maakt voor ze kiezen waar hun vader of moeder gaat wonen. Ze zijn blij met die keuzemogelijkheden.”

Boven minimum zelf betalen

Wisse is heel duidelijk als het gaat om het toekomstperspectief van de zorg: “De politiek moet gewoon eens eerlijk en duidelijk gaan zeggen dat de tijden van Vadertje Drees echt voorbij zijn. De staat kan niet meer onze zorg van geboorte tot graf betalen. De koek is op. Ze kan door de vergrijzing straks alleen nog maar een minimum zorgkwaliteit garanderen voor iedereen. Wie zelf (spaar)geld heeft zal ook echt zelf moeten gaan betalen. Sparen voor de erfenis van de kinderen is voorbij.”

© 2010 Harriët Messing

 

Zorgcommunicatie: be good and share it! 27 september 2010

“Negen op de tien Nederlanders is bezorgd over de toekomst van de zorg als het kabinet gaat bezuinigen. Dit zou zich gaan uiten in langere wachtlijsten en minder aandacht van specialisten en verpleegkundigen.” vertellen alle landelijke media 16 september jl. Het onderzoek waaruit dit naar voren komt – meer hierover volgt hieronder- toont vooral aan dat de Nederlander maar moeilijk een objectief beeld kan vormen van de kwaliteit van de zorg. En dat mogen zorginstellingen en zorgverleners zichzelf aanrekenen. Aandacht voor structurele communicatie over toekomstvisie en strategie, over wat goed gaat, over innovaties en echte verbeteringen is er nauwelijks. Het wordt tijd dat zij actiever en positiever gaan communiceren en in dialoog gaan over hun visie op de toekomst van de zorg en de stappen die zij zetten op de weg daar naartoe.

 

Be good and share it

 

Het bericht over het onderzoek komt uit de PR-koker van de VGZ Nationale Zorgbarometer. Zij lieten onderzoeksbureau Blaauw Research 522 Nederlanders interviewen. Vragen gingen over wat zij verstaan onder de kwaliteit van zorg en hoe zij de kwaliteit van de zorg ervaren. Prachtig hoe allerlei organisaties van zich laten horen in deze tijden van miljoenennota’s en formatiebesprekingen. De berichtgeving zal Nederlanders wellicht nog bezorgder gemaakt hebben. Maar dat alles terzijde.

Slechte ervaringen

De overheid stimuleert nu al een aantal jaren marktwerking in een sector die voorheen weinig prikkels kende om te veranderen. Ook waarschuwt de overheid voortdurend voor de vergrijzing. Die gaat er straks voor zorgen dat goede zorg misschien wel een schaars goed wordt. Bijvoorbeeld door gebrek aan personeel en voorzieningen en door gebrek aan belastinggeld om alles te bekostigen. Bovendien hebben Nederlanders slechte ervaringen met sectoren die de markt op zijn gestuurd. Bijvoorbeeld de energiebedrijven en de telefoniebedrijven. Het wantrouwen voor de veranderingen in de zorg is dus goed verklaarbaar door eerdere ervaringen. En ook door hoe zorgelijk de overheid en de media erover berichten. Maar de zorgsector zelf draagt eveneens bij aan het wantrouwen. Bij elke bezuiniging is dezelfde reflex te zien. Pas op, de zorg wordt slechter als je gaat bezuinigen. Blijf van ons af! En dan wordt er toch bezuinigd en moet de burger concluderen: de zorg gaat nu dus achteruit.

Zoveel positieve verbeteringen

Dat de Nederlanders, en met name de ouderen en chronisch zieken, angstig zijn of zij straks nog wel goede zorg gaan krijgen, is slecht. Zorg is een basisvoorziening. Die moet goed zijn. En daar wordt in de zorg van alle kanten aan gewerkt. Er zijn zoveel positieve en innovatieve verbeteringen in de zorg. Demente bejaarden hoeven niet meer overal naar verpleeghuizen waar het overwerkte personeel nauwelijks tijd heeft om ze te helpen hun beschimmelde boterham op te eten. Nee, er verschijnen kleine woongroepen voor hen, waar ze zelf kunnen meehelpen met boodschappen doen en koken. Instellingen openen echte restaurants met goed eten, zodat het welbevinden van de bewoners groter wordt. En maken speciale belevingstuinen voor demente ouderen met daarin bushaltes, ter geruststelling voor als opa weer eens naar huis wil. Buurtzorg kwam met een thuiszorgconcept met lage kosten, dat de professional weer zijn vak teruggeeft en de cliënt een vast aanspreekpunt.

 

UMC St Radboud: Digitale poli's

 

Wachtlijsten korter door innovatie

Ziekenhuizen zijn gestart met teledermatologie en zorgstraten voor bijvoorbeeld heup- en staaroperaties, waarmee wachttijden verkort of weggewerkt worden. Ze werken samen met huisartsen door middel van digitale systemen. Zo kunnen huisartsen zoeken waar de wachttijd bij specialisten het kortst is en meteen digitaal een afspraak te maken. Of ze starten, zoals in het UMC St Radboud met digitale poli’s waar de patiënt zijn eigen dossier kan inzien en online kan communiceren met de behandelaar of met lotgenoten. Specialisten en ziekenhuizen nemen nurse practitioners en physcician assistants in dienst. Deze kunnen gerichter tijd en aandacht geven aan patiënten met bijvoorbeeld depressie, diabetes, reuma en andere min of meer chronische aandoeningen. Diagnostisch onderzoek gaat steeds meer naar eerstelijns diagnostische centra. Daar is geen wachtlijst en verschillende onderzoeken kunnen meestal op één dag ingepland worden. Heel patiëntvriendelijk. De specialist heeft meer tijd om taken te doen waarmee hij echt waarde toevoegt. Patiëntenverenigingen, ziekenhuizen en zorgverzekeraars gaan samenwerken in het Groninger Tripartiete Model bij het vormgeven van zorgtrajecten. Dit alles verbetert de kwaliteit en de bereikbaarheid van de zorg.

Marktgerichter in communicatie

De gemiddelde Nederlander weet hier echter nauwelijks van als hij niet zelf met dergelijke zorg in aanraking is gekomen. De media berichten nu eenmaal liever over wat niet goed gaat. Dat is ook onderdeel van hun controlerende taak. Zorginstellingen en hun koepels kunnen echter veel proactiever omgaan met de communicatie over zorginnovatie en verbetering. Het is hun taak om het vertrouwen te behouden van hun klanten. En vertrouwen bereik je alleen door goede communicatie. En daarmee bedoel ik tweerichtingsverkeer, dialoog. De marketing- en communicatieafdelingen van de meeste zorginstellingen zijn echter klein in vergelijking tot die in het bedrijfsleven. Het wordt tijd dat de zorg ook hierin markt- en klantgerichter gaat worden.  Wees open, eerlijk, duidelijk en toegankelijk. Vertel actiever wat je goed doet, met welke innovaties en verbeteringen je bezig bent en vooral wat jouw klant daarmee opschiet. Laat je klant ook meedenken over verbeteringen. Geef hem inzicht in hoe het allemaal zit en werkt. Geef de Nederlanders hun vertrouwen terug in de toekomst van de zorg en de mensen die daarin werken. Be good and share it!

© 2010 Harriët Messing

 

Welkom op mijn blog over klantvriendelijkheid in de zorg 5 september 2010

Nooit ziek geweest, nooit in een ziekenhuis gelegen. Dus ook nooit diep nagedacht over hoe ik word behandeld in de zorg. Tot voor kort. En dat was een interessante ervaring. Als communicatieadviseur heb ik altijd al het denken vanuit de doelgroep of klant gehuldigd. Ik was dan ook verbaasd over hoe klantonvriendelijk en inefficiënt het er vaak aan toe gaat in de zorg.

De overheid streeft via de modernisering van de AWBZ naar marktwerking in de zorg met als doel: kostenbesparing en kwalitatief betere zorg. De eerste reactie vanuit de sector was fuseren, reorganiseren en bezuinigen. De blik is hierdoor vaak alleen naar binnen gericht geweest. De klant werd over het algemeen niet beter of zelfs slechter van deze operaties. Natuurlijk moet de interne organisatie op orde zijn en moet de zorgaanbieder aandacht besteden aan zaken als efficiencyverbetering, planning & control, kwaliteitssystemen, ziekteverzuim, opleiding van personeel en integratie van ICT-systemen. Maar marktwerking gaat over DE KLANT. In een marktgerichte organisatie gaat het zoveel mogelijk over diens wensen en behoeften.

De afgelopen jaren zie je her en der leuke en ook heel goede voorbeelden van hoe het ook kan. Hoe bijvoorbeeld ICT kan helpen om mensen online, via e-mail of thuis te behandelen. Of spreekuren in de avonduren en operaties op zaterdag. Apotheken die medicijnen thuisbezorgen, al dan niet via internet besteld. Thuiszorgorganisaties die het wel voor elkaar krijgen dat de klant altijd dezelfde persoon ziet. Ook zijn er allerlei websites waar je als zorgconsument aanbieders kunt vergelijken. Veel zaken gaan al een stuk gemakkelijker dan 10 jaar geleden.

Maar er gaat ook nog steeds heel veel niet goed. Ondoorgrondelijke websites van ziekenhuizen met slechte navigatie, vreselijke teksten en achterhaalde informatie. Dementerende ouderen die geslagen en verwaarloosd worden. Achteruitgang van WMO-zorg doordat gemeenten inkopen op prijs. Ministers die een op zich goed concept als het EPD willen invoeren zonder voldoende garanties dat de privacy van de patiënt beschermd is. Ga zo maar door…

Ik ben een zorgklant. En mijn familie en vrienden zijn zorgklanten. Vanuit hun en mijn optiek wil ik dit blog schrijven. Vanuit verbazing, verwondering, frustratie of misschien zelfs boosheid. Uiteraard probeer ik overal wel de achtergronden van uit te pluizen, zodat ik niet blog vanuit onwetendheid. Ik hoop dat de onderwerpen voor velen herkenbaar zullen zijn en dat ze de betrokkenen aan het denken zullen zetten.

Uiteraard zijn tips en reacties van harte welkom.

Harriët

 

 
%d bloggers liken dit: